De koudste plek van ons huis zat niet waar we dachten
Drie winters lang gaven we Fenna's kamer de schuld van de kou. Zondag stond Thijs met een kaars in de gang en bleek het ergens heel anders vandaan te komen.
Thijs liep zondagmiddag door de gang met een brandende kaars in zijn hand, heel langzaam, alsof hij iets zocht dat weg zou schrikken. Loes liep achter hem aan en fluisterde. Ze wist niet waarom ze fluisterde, maar het leek haar duidelijk dat het moest.
Bij de meterkast ging het vlammetje plat.
Drie winters lang wezen we naar boven
Fenna’s kamer ligt op het noorden, boven de schuur, en is de koudste kamer van het huis. Dat is wat we altijd hebben gezegd. We zeiden het tegen elkaar, we zeiden het tegen bezoek, en Fenna zei het inmiddels zelf, met een zekere trots. Ze slaapt onder twee dekbedden en vindt dat een persoonlijkheidskenmerk.
Elke winter deden we er iets aan. Een dikker gordijn. Radiatorfolie die na drie maanden loskwam en achter de verwarming naar beneden zakte. Vorig jaar heeft Thijs de kierdichting van haar raam vervangen en toen was het twee weken beter, of dachten we dat.
Wat ik nooit heb gedaan: nagaan of het daar wel begon.
Er is namelijk één ding dat ik al die winters over het hoofd heb gezien, en dat weet ik nu ik erover nadenk eigenlijk al langer. Als Fenna ‘s ochtends beneden kwam, klaagde ze nooit over haar kamer. Ze klaagde over de gang. Over dat stukje tussen de trap en de keuken waar je met blote voeten overheen moet en waar het altijd tocht ter hoogte van je enkels. Dat heeft ze me minstens honderd keer verteld en ik heb elke keer geantwoord dat ze sokken aan moest doen.
Dat is niet mijn beste opvoedkundige prestatie, maar het is wel een goed voorbeeld van hoe je iets kunt horen zonder het te horen.
De hele benedenverdieping is namelijk ook koud. Niet dramatisch koud, gewoon dat soort kou waarvan je denkt dat het hoort bij een huis uit 1974, bij februari, bij het feit dat er drie kinderen zijn die deuren openlaten. Je went eraan. Je trekt een vest aan en noemt het gezellig.
Wat de kaars liet zien
Het idee kwam van mijn vader, die zaterdag langskwam met te veel winterpeen en de opmerking dat je tocht kunt zien als je er een vlammetje bij houdt. Thijs zei “hm” op de manier waarop hij “hm” zegt als hij iets meteen gaat doen maar dat nu nog niet toegeeft.
Zondag na de lunch stond hij er dus.
Langs de voordeur: niks. Onderin de voordeur: een beetje. Bij de trap: niks. Bij de meterkastdeur ging de vlam plat en bleef plat, en toen hij de deur opendeed voelde je het meteen met je hand, een streep koude lucht die vanaf de vloer naar binnen kwam.
Achter de meterkast zit het kruipluik. En het kruipluik lag er los op. Niet een beetje los, gewoon los, met een spleet van een centimeter of twee aan één kant, waar al de tijd dat wij hier wonen de kelderlucht van onder het huis vandaan naar boven kwam en zich via de gang over de begane grond verdeelde.
“Dus onder ons huis is nog een huis?” vroeg Bram. “En daar woont niemand?”
Thijs heeft geprobeerd uit te leggen wat een kruipruimte is. Bram bleef bij zijn eigen versie, die spannender was.
Wat er nu ligt en wat er nog moet
Het is voorlopig opgelost met tochtband rondom het luik, twee stroken, en een oude kleedje eroverheen. Thijs zegt dat er echt een dichtere afwerking moet komen en dat hij dat gaat regelen. Ik weet inmiddels dat “dat regel ik” bij ons een tijdsaanduiding is met een marge van vier maanden. De kraan in de bijkeuken heeft van oktober tot half december staan tikken. Ik heb daar destijds veel over gezegd. Het heeft niks geholpen en het is uiteindelijk op een woensdagavond in twintig minuten gemaakt.
Wat er verder nog moet: de bijkeukendeur sluit al twee jaar niet goed aan de onderkant, en bij het keukenraam zit een kier waar je in oktober al langsloopt met de gedachte dat je er iets aan moet doen. Dat is het probleem met dit huis. Het is nergens kapot. Het is overal een klein beetje open.
Maar hier is wat ik niet had verwacht: het scheelde meteen. Niet in graden op de thermostaat, want die staat waar hij stond. In hoe de gang aanvoelt als je uit de keuken komt. In het feit dat de kleedjesloper bij de trap niet meer koud is onder je voeten.
En Fenna’s kamer? Nog steeds de koudste van het huis. Maar minder koud dan hij was, en daar wordt ze geloof ik een beetje verdrietig van. Ze heeft haar twee dekbedden gehouden.
Wat ik hiervan meeneem
Ik denk dat we jarenlang het verkeerde probleem hebben opgelost omdat het verkeerde probleem het luidst was. Fenna klaagde. Fenna kon praten. De gang zei niks.
Dat geldt in dit huis voor meer dingen, vermoed ik. En misschien niet alleen in dit huis.
Vanavond loop ik zelf nog een rondje met dat kaarsje. Achter de wasmachine, langs de keukendeur, en bij het raam in de kamer waar het altijd trekt als het waait uit het westen. Ik verwacht niks. Ik wil het gewoon zien.
Loes wil mee. Die gaat weer fluisteren.
4 reacties
-
Sandra ·
Wij hebben hetzelfde gehad met de brievenbus. Een lap eronder werkt niet, je moet echt zo'n borstelding hebben. Maar goed, dat weet je nu zelf ook.
Merel schrijft dit blog
De lap ligt er nog steeds, Sandra. Puur uit koppigheid. De borstel staat op het lijstje.
-
Peter ·
Bouwjaar 74 hier ook. Het is nooit de plek die je denkt. Het is altijd de plek waar je nooit komt.
-
Marjolein ·
Wat een fijn stukje weer. Ik moest lachen om Thijs met die kaars, mijn man doet precies hetzelfde en noemt het dan onderzoek. Bij ons zat het trouwens onder de vloer bij de trap, drie jaar gezocht, en toen zag mijn zwager het in vijf minuten. Dat is ook wel weer typisch.
-
Bas ·
Terechte conclusie, al zou ik toch ook even de kruipruimte checken. Daar zit bij dat bouwjaar vaak de echte winst.
Reageer op dit verhaal
Je reactie komt bij mij binnen met de titel van dit verhaal erbij, dus ik weet meteen waar hij over gaat. Ik lees alles zelf en plaats met de hand — dat kan een paar dagen duren, en niet alles komt online. Waarom staat in het reactiebeleid.
Verder lezen
Hier gaat het ook over
Het koudste plekje van ons huis is precies waar ik werk
In de hoek bij het raam is het volgens de thermometer vier graden kouder dan bij de bank. Daar staat mijn bureau. Ik heb er iets aan gedaan en het hielp niet.
Vijf maanden later is de kraan gemaakt en niemand merkte het
De kraan in de bijkeuken tikte sinds oktober. Zaterdag was hij ineens stil, en het duurde tot maandagavond voor iemand in dit huis het doorhad.
Wat er echt in onze schuur stond na elf jaar
We zouden hem in een ochtend leegruimen. Het werd een heel weekend, drie stapels en een gesprek over een fietsstoeltje dat allang niemand meer nodig heeft.