Acht jaar, vier vriendjes en een feestje in de schuur
Vorig jaar wilde hij negentien kinderen vragen. Dit jaar noemde hij er vier op en bleef hij erbij. Het feestje was in de schuur, want in huis kon het niet.
Op 3 oktober werd Bram acht. Dat gebeurde in een huis waar op datzelfde moment een man met een breekhamer bezig was, dus de kaarsjes gingen uit terwijl er boven iets naar beneden viel.
Hij vond dat geweldig. Hij heeft het aan iedereen verteld, inclusief de kassamedewerker op het dorp, die er netjes op reageerde.
Zaterdag was het feestje.
Vier namen, en hij bleef erbij
Vorig jaar had hij een lijstje met negentien kinderen erop. Dat lijstje is hier beroemd geworden, want er stonden namen op van kinderen die hij één keer had gezien bij de voetbal en van één jongen die volgens Fenna helemaal niet bestond.
Dit jaar vroeg ik het twee weken van tevoren en toen zei hij vier namen. Meteen achter elkaar, zonder nadenken, alsof hij het al een tijdje wist.
Ik heb er nog een keer op doorgevraagd, want ik dacht dat hij zichzelf inhield vanwege de verbouwing. Dat was niet zo.
“Meer heb ik niet nodig, want anders duurt het zoeken te lang.”
Dat vond ik zo’n verstandige zin dat ik er even niets op wist te zeggen.
Wat Thijs in de schuur had gebouwd
Boven mag niemand komen. De trap is afgezet, er staat een zeil, en het enige wat er in huis kon gebeuren was aan tafel zitten. Dus verhuisde het feestje naar de schuur.
Thijs was daar sinds dinsdag mee bezig en ik mocht het pas zaterdagochtend zien. Hij had de werkbank leeggehaald, wat op zich al een gebeurtenis is, en er twee dikke planken op gelegd. Naast die planken stond een oude koffieblik met kromme spijkers en lagen vier hamers.
Dat was het. Twee planken, een blik spijkers, vier hamers.
Ze hebben daar anderhalf uur aan gestaan.
Er is niets gebouwd. Er zijn geen bouwwerken ontstaan, er is niets af, en aan het eind lagen er twee planken vol met spijkers die allemaal scheef staan. Eén jongen heeft de hele tijd geprobeerd om twee spijkers precies tegen elkaar aan te slaan en dat is hem één keer gelukt, en dat moment was groter dan alles wat wij verder hadden bedacht.
De speurtocht die niet af kwam
Voor het spijkeren zijn we naar de uiterwaarden geweest. Bram verzamelt stenen, dat doet hij sinds groep 3, en hij had zelf een speurtocht bedacht waarbij je stenen moest zoeken met bepaalde eigenschappen. Een platte. Een met een streep erdoor. Een die past in je vuist.
Het was grijs en het waaide hard, van dat waaien waarbij je op de dijk scheef loopt. Wolk mocht mee en heeft de eerste tien minuten geprobeerd elke gevonden steen weer af te pakken, waarna Fenna hem heeft overgenomen en langs de waterkant is gaan lopen met vier jongens die riepen dat ze iets hadden.
De speurtocht is niet afgemaakt. Bij opdracht vier zijn ze gewoon gaan gooien in het water en daar was ik het na één seconde mee eens.
Wat er wel klopte: bij het weggaan heeft Bram aan alle vier een steen meegegeven uit zijn eigen verzameling. Uit zijn eigen doos, van boven van de plank waar niemand aan mag komen. Dat had hij niet met mij overlegd. Hij deed het gewoon, bij de deur, met een korte uitleg erbij per steen die ik niet helemaal kon volgen.
Cake met alleen slagroom
Er was cake. Geen taart, cake, met alleen slagroom erop, want dat is wat hij vorig jaar al wilde en wat toen op een briefje in de la is beland waar ik het pas dit voorjaar terugvond.
Dit jaar hing het briefje op de koelkast. Dat is voor mij een grotere prestatie dan die hele schuur.
Handen wassen ging in de bijkeuken, bij de wasbak waar sinds vorige week een handdoek naast hangt en een fles zeep staat. Vier jongens van acht die om de beurt in een bijkeuken staan te wassen terwijl er boven plastic hangt, dat had ik me anders voorgesteld toen we in september de datum prikten.
Niemand vroeg ernaar. Eén jongen zei dat het bij hen thuis ook een keer zo was geweest, en toen was het onderwerp klaar.
Om vijf uur waren ze weg. Bram zat aan de eettafel met wat er over was van zijn stenen en telde ze opnieuw, twee keer, want de eerste keer klopte het niet.
“Ik heb er nu minder,” zei hij. “Maar ik weet wel waar ze zijn.”
4 reacties
-
Marjolein ·
Vier namen. Ik moest meteen denken aan dat stuk van vorig jaar met die negentien kinderen op dat lijstje. Wat gaat dat toch snel. En dat hij zijn eigen steen aan iedereen meegaf, daar werd ik echt even stil van. Gefeliciteerd met jullie jongen.
Merel schrijft dit blog
Dank je Marjolein. Dat lijstje van vorig jaar ligt hier nog ergens. Ik durf er bijna niet naar te kijken.
-
Peter ·
Spijkeren in de schuur. Meer heeft een jongen van acht niet nodig. Wij deden dat vroeger een hele zomer lang met een plank en een pot kromme spijkers.
-
Ingrid ·
Wat een lief feestje. Vroeger was het bij ons ook zo, gewoon in de schuur of op straat en dan een beker limonade. Nu zie ik om mij heen van die dure partijtjes en dan denk ik altijd, dat onthouden ze niet. Dit onthoudt hij wel.
-
Yvonne ·
Wat deed je met het weer, hadden jullie geluk of hadden jullie ook een plan B bedacht?
Merel schrijft dit blog
Geluk. Grijs en hard waaien, maar droog. Plan B was diezelfde schuur en dan langer, dus zo spannend was het niet.
Reageer op dit verhaal
Je reactie komt bij mij binnen met de titel van dit verhaal erbij, dus ik weet meteen waar hij over gaat. Ik lees alles zelf en plaats met de hand — dat kan een paar dagen duren, en niet alles komt online. Waarom staat in het reactiebeleid.
Verder lezen
Hier gaat het ook over
Drie weken na zijn verjaardag telde ik wat er nog uit de kast kwam
Bram kreeg op 3 oktober elf cadeaus. Ik heb bijgehouden welke er sindsdien echt gebruikt zijn, en het duurste zit niet in dat lijstje.
Schoolspullen kopen met drie kinderen ging mis bij de tweede winkel
Een lijstje van elf dingen, drie kinderen en een parkeerplaats aan de rand van Zwolle. We waren binnen veertig minuten aan het onderhandelen over iets heel anders.
Bram spaart flesdoppen en heeft ons er allemaal bij ingezet
Het begon in oktober met twee doppen op de vensterbank. Vanochtend telde hij er honderdzevenendertig en de buurvrouw levert wekelijks aan.