Bram kocht een houten fluitje op de markt en de hele camping weet het
Vrijdagochtend, een dorpsmarkt in de Vogezen, drie euro in de hand van een jongen van zeven. Ik had het kunnen zien aankomen en ik heb het niet gezien.
We stonden bij een kraam met kaas en Bram stond er niet. Dat is de zin waar dit verhaal mee begint, en het is minder dramatisch dan hij klinkt, want hij stond twee kramen verderop met drie euro in zijn vuist en een gezicht waar ik de hele vakantie al bang voor was.
Waarom ze eigen geld hadden
We zijn hier sinds woensdag. De camping ligt op een helling boven Le Tholy, tussen twee weides, en je moet er de auto vijftig meter verderop parkeren omdat het gras anders kapotgaat. Onze plek staat scheef. Thijs heeft dat de eerste avond drie keer gemeten en toen gezegd dat het “gewoon zo is”.
Vrijdag is er markt in het dorp beneden. Ik had voor vertrek bedacht dat de kinderen deze vakantie eigen geld zouden krijgen. Vijf euro per week, zelf beslissen, niet zeuren als het op is. Ik had dat idee ergens opgedaan en ik vond mezelf er behoorlijk verstandig door.
Fenna is elf en heeft haar vijf euro in een envelop gedaan waar ze met potlood op heeft geschreven wat ze ermee wil. Ze staat op het punt om alles te sparen voor iets wat ze thuis wil kopen en dat gaat haar waarschijnlijk lukken ook.
Loes is drie en heeft haar geld binnen een minuut aan mij gegeven, wat ik zowel praktisch als verontrustend vind.
En Bram is zeven en had drie euro over van het ijs van donderdag.
Wat hij kocht
Het was een kraam met houten dingen. Kleine beestjes, een molentje, een soort jojo, en op de hoek een bakje met fluitjes. Van die dikke, met een schuine snede en een gaatje.
De man achter de kraam pakte er een en blies erop om te laten horen hoe het klonk. Dat had hij niet moeten doen.
Het geluid zit ergens tussen een verkeersagent en een merel die het verkeerd heeft begrepen. Het is niet hard op de manier van een toeter. Het is hard op de manier van iets waar je hoofd niet klaar voor is.
Bram keek naar mij. Ik keek naar Thijs. Thijs keek de andere kant op, wat een keuze is die hij later heeft toegegeven.
“Het is mijn eigen geld”, zei Bram.
Dat was het. Dat was het hele argument. En het klopte, want dat had ik zelf bedacht in de auto tussen Luxemburg en Metz.
De rest van de vrijdag
We hebben nog kaas gekocht, en brood, en een net perziken dat te zacht was maar dat ontdek je pas achteraf. Loes zat op Thijs’ arm en wees naar alles. Wolk lag onder een boom in de schaduw met zijn kop op een boomwortel en heeft de hele markt aan zich voorbij laten gaan.
Op de terugweg naar boven fietste — nee, liep — Bram voorop en floot om de vijftien seconden. Niet uit vrolijkheid. Uit systematiek. Hij testte hoe het klonk tegen een muur, tussen de bomen, in de bocht bij het weiland waar de koeien staan.
Bij de koeien werkte het goed. De koeien vonden dat ook.
Om vijf uur ben ik naar hem toe gegaan met het voorstel dat we een fluitregel maken. Ik gebruikte mijn goede stem. Ik legde uit dat er hier ook andere mensen staan, dat mensen op een camping dicht bij elkaar zitten, dat sommige mensen ‘s ochtends nog slapen.
Hij luisterde. Hij dacht na. En hij zei:
“Dus wel bij de koeien.”
Wat de buren zeiden
Naast ons staat een Belgisch stel met een hond die twee keer zo groot is als Wolk en half zo enthousiast. De vrouw is gisteravond langsgekomen met een bakje frambozen. Ik dacht: hier komt het.
Ze zei dat ze het fluitje hoorden. Ze zei ook dat ze zelf drie kinderen hebben gehad, dat die inmiddels allemaal boven de dertig zijn, en dat ze eerlijk gezegd liever een fluitje hoort dan een tablet.
Ik weet niet of dat waar is. Ik weet wel dat ik daarna beter geslapen heb.
Het fluitje ligt nu in de voortent, in de bak waar ook de zonnebrand en de kaarten in liggen. Bram legt het daar zelf neer als hij gaat slapen. Ik heb er niet om gevraagd.
Vanochtend om zeven uur hoorde ik het één keer, ver weg, ergens bij het hek.
Toen was het weer stil.
4 reacties
-
Peter ·
Een fluitje. Dat is de camping-versie van een drumstel. Sterkte.
-
Marjolein ·
Ik moest hier zo om lachen. Mijn zoon kocht vroeger op een Franse markt een soort toeter van een hoorn en die is uiteindelijk in de achterbak blijven liggen tot we thuis waren, en daarna is hij op wonderbaarlijke wijze verdwenen. Geniet van jullie tent en van de bergen, ik lees het graag allemaal.
Merel schrijft dit blog
Ik denk dat ik weet welk wonder dat was, Marjolein. Ik hou de optie open.
-
Wendy ·
Wat leuk dat jullie in de Vogezen zitten. Wij zijn daar drie jaar geleden geweest en het was de fijnste vakantie die we ooit hadden.
-
Bas ·
Eerlijke vraag: was het echt zo erg of is het achteraf grappiger geworden? Ik merk bij mezelf dat ik dat soort dingen op vakantie veel makkelijker laat gaan dan thuis.
Merel schrijft dit blog
Allebei een beetje. Op de markt vond ik het schattig, om half tien s avonds iets minder, en nu ik het opschrijf weer wel.
Reageer op dit verhaal
Je reactie komt bij mij binnen met de titel van dit verhaal erbij, dus ik weet meteen waar hij over gaat. Ik lees alles zelf en plaats met de hand — dat kan een paar dagen duren, en niet alles komt online. Waarom staat in het reactiebeleid.
Verder lezen
Hier gaat het ook over
Het meer lag er twee weken en we gingen er pas op de laatste dag in
Elke ochtend zeiden we dat we vandaag naar het water zouden gaan. Vijftien keer werd het iets anders. Vanmorgen konden we niet meer om onszelf heen.
Vier uur in het buitenbad en ik heb vooral op de tas gepast
Zeven handdoeken, twee zakken chips en een jongen van zeven die drie keer de trap van de duikplank op ging. De derde keer sprong hij.
Onze eerste wandeling met Wolk duurde veertig meter
We hadden de uiterwaarden gepland, het pontje en misschien nog een ijsje. We kwamen tot de derde lantaarnpaal en stonden daar een kwartier stil.