Bram mag zeven kinderen vragen en hij heeft er negentien op
Donderdag wordt hij zeven. Het lijstje met genodigden bevat inmiddels de hele klas, twee buren en iemand van de voetbal die hij een keer heeft gezien.
In de keukenla ligt nog steeds een briefje van vorig jaar. Er staat op: Bram – 3 okt – geen taart maar wel slagroom. Ik heb het laatst teruggevonden toen ik de la opruimde en ik heb het weer teruggelegd, want ik ben bang dat ik het volgend jaar nodig heb.
Donderdag wordt hij zeven. Het briefje van dit jaar is groter. Het is niet één briefje. Het zijn er drie en ze liggen op zijn kamer.
Het lijstje groeit sinds dinsdag
Het begon met vier namen. Vier jongens uit groep 3 die hij vorig jaar ook had.
Woensdag kwamen er twee bij, want die zitten nu naast hem. Donderdag kwam er een meisje bij dat hem had geholpen met zijn jas. Vrijdag kwamen er vijf bij zonder aanleiding, en zaterdag heeft hij de rest van de klas erop gezet omdat hij er “toch al zoveel had”.
Toen kwamen: Fenna (mag komen, woont hier), Loes (idem), de twee kinderen van Ilse en Ronald van hiernaast, en een jongen van de voetbal wiens naam hij niet weet en die hij op het lijstje heeft gezet als die jongen met de gele schoenen.
Negentien. Ons huis is een hoekhuis uit 1974 met een woonkamer waar met moeite acht mensen tegelijk in kunnen zitten zonder dat er iemand op de trap moet.
Wat ik zei en wat er toen gebeurde
Ik heb zaterdagochtend gezegd dat het er zeven mogen zijn. Zeven jaar, zeven kinderen. Dat is bij ons de regel sinds Fenna zes werd en het is een regel die ik niet verzonnen heb maar ergens heb opgepikt en daarna heb doorgegeven alsof hij van mij was.
Hij ging niet huilen. Dat had ik verwacht. Hij werd stil, wat bij hem zeldzamer is en veel erger.
Ik heb gevraagd waarom het er zoveel moesten zijn. En toen kwam het, na een halve minuut, met zijn ogen op het tafelblad:
“Want als ik ze niet vraag, denken ze dat ik ze niet leuk vind.”
Daar zat ik dus. Ik dacht dat ik een discussie had over een feest en het ging over iets heel anders.
We hebben het lijstje anders gemaakt
Niet korter. Anders.
We hebben op een nieuw vel twee kolommen gezet. Links: wie komen er donderdagmiddag. Rechts: met wie doe je iets anders leuks, een keer, gewoon los.
Rechts staan nu vier namen, waaronder die jongen met de gele schoenen, die dus gewoon een keer mee mag naar de training. Links staan er zeven.
Het bijzondere is dat hij dat zelf heeft ingevuld. Ik heb alleen de kolommen getekend. Binnen tien minuten was het klaar, terwijl we er drie dagen over hadden gedaan toen het over aantallen ging.
Ik denk dat dat het hele ding is. Zolang het over “hoeveel” gaat, verlies je, want elk getal is willekeurig en dat weet een kind van bijna zeven ook. Zodra het over “niemand valt buiten de boot” gaat, is er iets op te lossen.
Wat er donderdag gaat gebeuren
Zeven kinderen, van twee tot vijf. We gaan naar de uiterwaarden als het droog is, want zeven jongens binnen in ons huis is geen plan maar een waarschuwing. Er is een speurtocht die Fenna aan het maken is en waar ze veel te veel aan werkt, wat ik van haar inmiddels gewend ben.
En er is geen taart. Er is slagroom, in een kom, met stukjes fruit erdoor en een paar dingen die je erin kunt doen die ik nog niet heb gekocht. Dat was vorig jaar het compromis en het is dit jaar gewoon traditie geworden, omdat hij er in juni al naar vroeg.
Ik heb het briefje van vorig jaar vanochtend uit de la gehaald en op het aanrecht gelegd, waar het nu ligt naast de boodschappenlijst voor woensdag.
Er staat nu ook iets op de achterkant. Dat heeft hij zelf gedaan, met potlood, in dat schuine handschrift van iemand die pas drie weken echt letters schrijft.
7. Bram. slagroom weer.
Vragen die ik hierover kreeg
Hoeveel kinderen nodig je uit voor een kinderfeestje?
Bij ons is de vuistregel het aantal jaren dat het kind wordt, en dat is meer een houvast dan een wet. Zeven kinderen van zeven passen in ons huis en dat is uiteindelijk het echte argument. Wie je uitnodigt is belangrijker dan hoeveel.
Wat doe je als je kind de hele klas wil uitnodigen?
Vraag eerst waarom. Bij ons bleek het niet om een groot feest te gaan maar om de angst dat iemand zich buitengesloten voelt. Toen dat eenmaal op tafel lag, werd het lijstje binnen tien minuten korter, want dan praat je over iets anders dan aantallen.
5 reacties
-
Sandra ·
Laat hem de uitnodigingen buiten school geven of voor iedereen. Dat halve gedoe met briefjes in de tas is echt de bron van alle ellende, dat weet ik uit ervaring met drie kinderen.
Merel schrijft dit blog
We doen het buiten school. Goede tip, en precies waar ik zelf overheen zou zijn gelopen.
-
Wendy ·
Zeven kinderen van zeven! Sterkte donderdag! Wij hebben er ooit twaalf gehad en dat doe ik nooit meer!
-
Marjolein ·
Wat ontroerend eigenlijk, dat hij niemand wil overslaan. Dat zegt zoveel over hem. Ik moest denken aan mijn eigen zoon die op zijn zesde de buurman van tachtig had uitgenodigd en die kwam nog ook, met een puzzel. Geniet van donderdag. Zeven is zo'n mooie leeftijd.
-
Bas ·
Eens met de aanpak. Al vraag ik me af of zo'n regel over aantallen niet gewoon iets is wat wij verzonnen hebben om onszelf te beschermen. Wat mij betreft mag dat ook, als je maar eerlijk bent dat het jouw grens is en niet zijn ongelijk.
Merel schrijft dit blog
Dat is helemaal waar. Het is mijn grens. Ik heb hem dat donderdag ook zo verteld.
-
Ingrid ·
Van harte gefeliciteerd met uw jongen. Zeven jaar. Wat gaat het toch snel allemaal.
Reageer op dit verhaal
Je reactie komt bij mij binnen met de titel van dit verhaal erbij, dus ik weet meteen waar hij over gaat. Ik lees alles zelf en plaats met de hand — dat kan een paar dagen duren, en niet alles komt online. Waarom staat in het reactiebeleid.
Verder lezen
Hier gaat het ook over
Ik heb deze week drie keer ja gezegd waar ik nee bedoelde
Een tent in de woonkamer, patat op donderdag en een kip. Drie keer gaf ik toe, en achteraf snap ik van maar één daarvan waarom.
De gele laars gaat mee en ik onderhandel niet meer
Loes draagt sinds juni een gele laars aan een voet. Ik heb er drie maanden tegen gevochten en deze week besloten dat ik dat gevecht niet nodig heb.
We eten nu om half zes en dat scheelde meer dan ik dacht
Tussen vijf en zes uur was dit huis niet te besturen. De oplossing bleek niet in de kinderen te zitten maar in de tijd waarop we aan tafel gingen.