Opvoeding & grote vragen

We eten nu om half zes en dat scheelde meer dan ik dacht

Tussen vijf en zes uur was dit huis niet te besturen. De oplossing bleek niet in de kinderen te zitten maar in de tijd waarop we aan tafel gingen.

Om tien over vijf staat Bram bij het raam in de voorkamer en zegt: “Waarom is het al nacht.”

Het is geen vraag. Hij zegt het als een aanklacht. Alsof ik het geregeld heb.

Het uur waarin niemand het meer weet

Tussen vijf en zes uur was dit huis tot vorige week niet te besturen. Ik weet dat nu. Ik heb er drie kinderen voor nodig gehad om erachter te komen, en eerlijk gezegd wist Thijs het eerder dan ik.

Loes is dan twee en een half en op. Niet moe — op. Er is verschil. Moe kun je nog even overbruggen met een boekje. Op is een toestand waarin ze op de grond gaat liggen omdat haar sok een sok is.

Bram komt om kwart over drie thuis uit groep 3, eet twee crackers, doet vanaf half vier alsof hij niets te doen heeft, en zit om vijf uur op de bank met een gezicht waar niets meer in past. Hij zit de hele dag met zijn hoofd op scherp. Om vijf uur is het gewoon leeg.

En Fenna, die tien is en dus theoretisch de makkelijkste, komt precies in dat uur naar beneden om iets te vragen dat op geen enkel ander moment gevraagd had hoeven worden.

“Mam, hoeveel dagen zijn er tussen nu en 5 december?”

Drieëndertig, Fenna. Ga weg.

Wat wij dachten dat het probleem was

Ik ben er lang van uitgegaan dat het aan de invulling lag. Dat ik iets moest verzinnen. Een spelletje, een klusje, iets met de kinderen aan tafel. Ik heb hele weken gehad waarin ik om vijf uur met verf en papier stond te zwaaien als een animatieteam op een camping.

Dat werkt niet. Dat maakt het erger. Want nu is er een activiteit die ook nog kan mislukken. En als die mislukt, en dat gebeurt, dan heb je om kwart voor zes drie ontevreden kinderen én een tafel vol verf.

Ik heb ook geprobeerd het uit te zitten. Streng zijn, doorzetten, gewoon op de normale tijd eten en de rest negeren. Dat lukt precies zolang als ik het volhoud, en dat is in november ongeveer tot woensdag.

De verschuiving

Wat wel bleek te helpen is bijna gênant simpel: we zijn een uur opgeschoven.

We eten nu om half zes in plaats van kwart over zes. Bad om kwart over zes. Loes ligt om zeven uur boven in plaats van half acht. Bram om kwart voor acht, Fenna om half negen, en dat laatste is het enige dat hetzelfde bleef en waar dus ook het enige gemopper over is.

Dat is het. Dat is de hele vondst. We rekken de avond niet meer op tot het punt waarop hij inzakt — we beginnen hem gewoon eerder.

Het kostte twee dingen. Ik moest een half uur eerder beginnen met koken, wat betekent dat ik op mijn werkdagen in Zwolle iets voorkook of iets uit de vriezer haal. En Thijs moest op de dagen dat het kan een half uur eerder de deur uit in Deventer, wat hij zonder discussie deed en waar ik hem nog steeds dankbaar voor ben.

Het is niet het humeur, het is de klok

Wat ik hiervan geleerd heb is dat ik jarenlang naar het verkeerde ding heb zitten kijken. Ik zag drie kinderen die om vijf uur chagrijnig werden en dacht: er is iets met de kinderen.

Er is niets met de kinderen. Er is iets met vijf uur.

Het is donker, ze zijn leeg, ik ben net thuis of net klaar met werken, en dan verwachten we van elkaar dat we nog anderhalf uur beschaafd doen. Dat is te veel gevraagd van iedereen in dit huis, inclusief de volwassenen. Thijs komt binnen, zegt “hoi”, en verdwijnt naar de schuur. Ik heb daar altijd iets van gevonden. Ik snap het nu beter.

En dan is het toch zes uur

Gisteravond zaten we om tien voor half zes aan tafel. Buiten regende het tegen het keukenraam en binnen brandde die lamp boven de tafel waar Thijs van vindt dat hij te laag hangt.

Bram vertelde een verhaal over een jongen uit zijn klas dat begon bij het schoolplein en na acht minuten nog steeds bij het schoolplein was. Loes at haar broccoli en legde daarna de steeltjes één voor één naast haar bord, netjes op een rij, alsof ze ergens verantwoording over moest afleggen. Fenna zei niets en las het pak yoghurt.

Om zeven uur lag Loes boven. Om kwart over zeven was het huis stil op één kind na, dat nog een half hoofdstuk mocht.

Het was buiten toen al twee uur donker. Binnen deed dat er even niet meer toe.

#avondritueel#donkere-dagen#bram#loes

5 reacties

  1. Hanneke ·

    Bij ons heette dat vroeger het donkere uurtje. Ik dacht altijd dat het aan mij lag. Toen ze wat ouder werden bleek het gewoon over te gaan, en nu mis ik het bijna. Bijna.

    Merel schrijft dit blog

    Dat bijna maakt het geloofwaardig, Hanneke. Dank je.

  2. Sandra ·

    Tip die bij ons werkte naast eerder eten: alle lampen aan om vier uur, ook de lampjes die je normaal alleen met kerst gebruikt. Klinkt raar, scheelt echt.

  3. Peter ·

    Wij noemen het het wolvenuur. Klinkt dramatischer dan het is, maar niet veel.

  4. Nadia ·

    Ik zit hier met een van bijna drie en ik heb dit dus elke dag om half vijf. Ik dacht echt dat ik iets fout deed. Lees ik dit nu goed dat het gewoon het seizoen is?

    Merel schrijft dit blog

    Deels het seizoen, deels de leeftijd, en deels dat wij als volwassenen ook op zijn om half vijf. Je doet niks fout.

  5. Bas ·

    Eerder eten betekent bij ons dat er om acht uur weer iemand honger heeft. Hoe lossen jullie dat op?

    Merel schrijft dit blog

    Een boterham om kwart voor acht, staand, in de keuken. Niet elegant maar het werkt.

Reageer op dit verhaal

Je reactie komt bij mij binnen met de titel van dit verhaal erbij, dus ik weet meteen waar hij over gaat. Ik lees alles zelf en plaats met de hand — dat kan een paar dagen duren, en niet alles komt online. Waarom staat in het reactiebeleid.

Ik lees alles zelf en plaats reacties met de hand — zie het reactiebeleid en de privacyverklaring.

Verder lezen

Hier gaat het ook over

Alles uit opvoeding →