De heide stond paars en Loes wilde na tien minuten gedragen worden
Een uitje van veertig minuten rijden, in de laatste vakantieweek, met een kind van drie dat in Frankrijk moeiteloos een berg op ging. Thuis werkt dat anders.
Twee weken geleden liep ze een berg op zonder iets te zeggen. Nou ja, ze zat op de rug van haar vader, maar ze heeft het laatste stuk zelf gelopen en dat was over stenen en het waaide.
Vandaag, op een vlak zandpad op de Sallandse Heuvelrug, hield ze het tien minuten vol.
Waarom we gingen
Het is de laatste vakantieweek en die is tot nu toe vooral gevuld met opruimen, wassen, en een schuur waar de tent in moet maar waar geen plek voor is. Thijs is daar donderdag mee begonnen. Hij is toen drie uur weg geweest en de tent stond aan het eind van de middag nog steeds in de gang.
Zondagochtend zei ik dat we weg moesten. Niet ver. Niet duur. Gewoon weg.
De heide staat nu paars en dat duurt maar twee, drie weken. Dat is een van de weinige dingen in het jaar waarvan ik weet dat je te laat kunt zijn.
Veertig minuten rijden. Om half elf stonden we op de parkeerplaats.
De tien minuten
Ze begon goed. Ze liep voorop met de riem van Wolk in haar hand, wat mag op stukken zonder fietsers, en ze deed dat zoals Bram het vorig jaar deed: met haar arm te ver naar voren en veel te veel gevoel voor de ernst van de taak.
Bij het eerste bankje was het klaar.
Geen aanleiding, geen val, geen ruzie. Ze stond stil, deed haar armen omhoog en zei: “Dragen.”
Fenna zei dat we nog niet eens bij het uitkijkpunt waren. Bram zei dat hij ook moe was, wat niet waar was maar wat hij zei omdat hij het altijd zegt en omdat hij vond dat het moment ernaar was.
Thijs heeft haar opgetild zonder iets te zeggen. Dat is efficiënt en het is ook precies het ding waar we het al drie jaar over oneens zijn.
Ik vind dat je eerst even moet proberen. Niet lang, niet streng, gewoon vijf minuten met een spelletje erbij, tellen tot de volgende paal, kijken wie er als eerste bij die boom is. Bij Fenna werkte dat en bij Bram werkte dat, en bij Loes werkt het soms ook.
Thijs vindt dat je met een kind van drie op een zandpad geen onderhandeling moet beginnen die je toch verliest.
We hebben het er onderweg niet over gehad, want dat doe je niet met vier man op een pad. We hebben het er thuis ook niet over gehad. Dat is denk ik hoe dat gaat na twaalf jaar: je weet allebei precies wat de ander vindt en je zegt het niet meer.
Wat er anders is dan in Frankrijk
Ik heb het onderweg bedacht en ik denk dat het klopt.
In de Vogezen was elke wandeling een gebeurtenis. Er was een auto, er was een pas, er stonden koeien op het pad, er was een hut waar je iets kon drinken. Alles was nieuw en dus telde alles mee.
Hier is een zandpad een zandpad. Ze is hier eerder geweest, in het voorjaar, en toen was het bruin en toen viel er weinig aan te beleven. Voor een kind van drie ziet paars er niet heel anders uit dan bruin. Dat is een schok voor mij en niet voor haar.
Ik denk dat wij hier verwachtten dat ze het mooi zou vinden. En zij verwachtte een pad.
Het uitkijkpunt
We zijn er wel geweest. Fenna wilde per se doorlopen en die kreeg gelijk, want boven aan het eind waait het en zie je het hele stuk paars liggen tot aan de bosrand.
Loes zat toen op de schouders van Thijs en heeft van bovenaf gezegd dat ze een vliegtuig zag. Er was geen vliegtuig.
Wolk heeft driekwart van de wandeling aan de riem gelopen en het laatste stuk los, op het open stuk, en is toen ongeveer honderd meter weggerend en uit zichzelf teruggekomen. Dat is de eerste keer. Ik heb het hardop geteld, met mijn hand om de riem die ik niet meer vast had.
Op de terugweg heeft ze de laatste vierhonderd meter zelf gelopen. Naast de hond. Zonder erover te praten.
In de auto sliep ze binnen vier minuten, met haar hoofd tegen het raam en één schoen uit.
4 reacties
-
Marjolein ·
Wat mooi, de heide in augustus. Wij gingen er vroeger elk jaar heen met een thermoskan en dan zaten we op een bankje tot de kinderen genoeg hadden. Dat paars is er maar zo kort en dan is het weer bruin. Fijn dat jullie nog even gegaan zijn.
Merel schrijft dit blog
Het is inderdaad kort. We waren net op tijd, denk ik. Volgende week is het weer voorbij.
-
Peter ·
Bij ons heette dat de laatste tweehonderd meter. Duurde altijd een half uur.
-
Els ·
Beste Merel, wat schrijf je toch fijn over die kleine dingen. Ik zag dat kind met die uitgestoken armen zo voor me. Bij ons was het altijd de jongste die precies op het verste punt besloot dat het klaar was. Vriendelijke groet.
-
Yvonne ·
Nemen jullie de hond overal mee naartoe? Ik twijfel of ik dat zou durven met een hond die nog niet zo lang bij ons is.
Merel schrijft dit blog
Bijna overal, maar we kiezen wel. Op een pad met veel mensen gaat het goed, in een winkelstraat niet. Dat weten we inmiddels omdat het één keer is misgegaan.
Reageer op dit verhaal
Je reactie komt bij mij binnen met de titel van dit verhaal erbij, dus ik weet meteen waar hij over gaat. Ik lees alles zelf en plaats met de hand — dat kan een paar dagen duren, en niet alles komt online. Waarom staat in het reactiebeleid.
Verder lezen
Hier gaat het ook over
Het meer lag er twee weken en we gingen er pas op de laatste dag in
Elke ochtend zeiden we dat we vandaag naar het water zouden gaan. Vijftien keer werd het iets anders. Vanmorgen konden we niet meer om onszelf heen.
We gingen voor de herfstkleuren en kwamen thuis met kastanjes
Een woensdag in de herfstvakantie, een half uur rijden naar de heuvelrug en een driejarige die na vierhonderd meter klaar was. Dit is wat wel werkte.
Op de laatste zaterdag van de vakantie gingen we twee keer de dijk op
Om acht uur in mijn eentje, om half acht 's avonds met z'n vijven en een hond. Daartussen zat een dag waarop niemand iets zei over maandag.