De junikalender hing nog geen uur of er was al ruzie over
Pinksteren, een uitvoering, een schoolreisje, een verjaardag en Vaderdag. Ik heb ze alle vijf op een vel papier gezet en dat bleek geen goed idee.
Ik heb zaterdagochtend een leeg vel op de koelkast gehangen met JUNI erboven, en daaronder de dagen. Dat is voor mijn doen behoorlijk georganiseerd. Ik doe dat ongeveer twee keer per jaar en het houdt het meestal tot de tiende vol.
Om tien over tien hing hij. Om elf uur stonden er drie kinderen voor en werd er onderhandeld over een dag die pas over twee weken komt.
Wat er op staat
Vijf dingen. Meer niet. Als je het zo opschrijft klinkt het overzichtelijk.
- Pinksteren, met een maandag waarop niemand naar school of naar werk hoeft.
- De uitvoering van de dansschool, aan het eind van deze week.
- Het schoolreisje van Bram, ergens deze week, wat hij zelf beter weet dan ik.
- Fenna wordt elf.
- Vaderdag, de zondag erna.
En dan is er nog van alles wat er niet op staat omdat het geen dag is maar een periode. De laatste weken van het schooljaar. Het moment waarop de zomerkleren van boven moeten komen. De hond, die inmiddels drie weken bij ons is en die in geen enkel plan zat toen we dit soort maanden nog met twee handen konden doen.
Waarom een lege kalender gevaarlijk is
Het probleem met een vel papier is niet het vel papier. Het probleem is dat kinderen ineens kunnen zien wat er komt.
Bram las de kalender zoals hij alles leest sinds maart, hardop en met zijn vinger erlangs, en kwam bij de maandag na Pinksteren. Vrije dag. Hij vroeg wat we gingen doen. Ik zei dat we nog niets hadden bedacht.
Dat was fout. Dat was zo duidelijk fout dat ik het al hoorde terwijl ik het zei.
Want als je zegt dat er niets bedacht is, dan bedenkt iedereen iets. Fenna wilde naar Zwolle. Bram wilde naar de speeltuin bij het bos en daarna naar de speeltuin bij het water, en die twee liggen niet naast elkaar. Loes wilde iets waarvan ik pas na vier keer vragen begreep dat het over een ijsje ging, en dat is de enige wens waarvan ik nu al weet dat hij uitkomt.
“Als we niks doen op een vrije dag”, zei Fenna, “dan is het toch geen vrije dag.”
Daar heb ik geen goed antwoord op gehad. Ik heb er ook geen goed antwoord op nu, drie dagen later, terwijl ik dit typ.
De maand waarin alles tegelijk moet
Wat mij aan juni altijd verrast, elk jaar opnieuw, is dat het van buiten een makkelijke maand lijkt. Het is licht tot half elf. Het is warm genoeg om buiten te eten. Er is niets wat ingepakt of versierd of gebakken hoeft te worden zoals in december.
En toch is het bij ons de maand met de meeste bezette avonden van het jaar.
Dat komt doordat scholen en clubs in juni alles afronden. Een uitvoering, een schoolreisje, een laatste training, een wisselochtend, een afscheid. Allemaal dingen die op zichzelf leuk zijn en die allemaal vragen om iemand die er is, iets meeneemt, ergens rijdt of iets betaalt.
Ik heb geteld hoeveel avonden er deze maand vrij zijn in de zin van niemand hoeft ergens heen. Het zijn er zeven. Van de dertig.
Ik heb dat getal niet hardop gezegd tegen Thijs. Hij is deze week al met andere dingen bezig, want hij heeft in de schuur iets liggen wat volgens hem in twee middagen af is.
Pinksteren, en wat dat bij ons is
Ik ben er eerlijk in dat Pinksteren bij ons vooral een lange maandag is. Wij zijn niet naar de kerk, mijn moeder wel, en zij belt op zondagochtend en vertelt wat er gezegd is. Ik luister daar met oprechte belangstelling naar, ook al ga ik nooit mee, en dat gaat al veertig jaar goed zo.
Wat het bij ons wel is, is de eerste keer dat het echt zomer voelt. Vorig jaar hebben we op Pinkstermaandag de hele dag met de achterdeur open gezeten en pas om acht uur gegeten. Het jaar daarvoor regende het en zaten we in Deventer op de markt onder een luifel te wachten tot het ophield.
Dit jaar staat er op de kalender bij die maandag nog steeds niets. Dat blijft zo tot vrijdag, denk ik, en dan bedenkt iemand iets en gaan we dat doen.
De rest van het vel
Er staat inmiddels ook een tekening op de kalender, van Loes, midden over drie dagen heen. Ik weet niet wat het is en zij ook niet meer.
En er staat, in Fenna’s handschrift, bij de veertiende, een getal met een rondje eromheen.
Elf. Dat is dus over twee weken.
Ik heb daar nog helemaal niets voor geregeld.
4 reacties
-
Sandra ·
Tip die bij ons goed werkt, zet niet de hele maand op, maar steeds een week. Bij ons ging het altijd mis omdat iedereen vier weken vooruit begon te onderhandelen over dingen die nog helemaal niet aan de orde waren.
Merel schrijft dit blog
Dat is precies wat er gebeurde, Sandra. Ik ga het volgende maand per week doen en dan doe ik alsof ik het zelf bedacht heb.
-
Hanneke ·
Juni is bij ons vroeger ook altijd de zwaarste maand geweest. Iedereen denkt dat december het is, maar december heeft tenminste vakantie aan het eind. Juni heeft alleen maar juli.
-
Peter ·
Vijf dingen in een maand. Wij hadden er vorig jaar zeven. Ik heb toen op de kalender een dag omcirkeld waarop niets was en die verdedigd als een burcht.
-
Wendy ·
Wat een maand! En dan ook nog Pinksteren erbij. Ik zou zeggen geniet ervan, want voor je het weet is het juli.
Reageer op dit verhaal
Je reactie komt bij mij binnen met de titel van dit verhaal erbij, dus ik weet meteen waar hij over gaat. Ik lees alles zelf en plaats met de hand — dat kan een paar dagen duren, en niet alles komt online. Waarom staat in het reactiebeleid.
Verder lezen
Hier gaat het ook over
We vierden zijn verjaardag twee dagen te vroeg en dat was zijn eigen idee
Thijs wordt maandag 43 en maandag staat de auto half ingepakt. Dus zat er vandaag visite uit Sneek en Kampen aan onze tuintafel, en vroeg hij dit jaar wel iets.
Ik werd veertig en kreeg eindelijk die ochtend alleen
Bram maakte weer een briefje met een vakje erop, dit keer zo groot dat ik het niet vol kreeg. En de wens die vorig jaar niet uitkwam, kwam er nu wel.
De kermis stond er drie dagen en Brams geld was na een uur op
Vier attracties op het grasveld, een pot met gespaard geld die vrijdag om acht uur al leeg was, en een dochter die voor het eerst zonder ons ging.