Hemelvaartsdag, het pontje en de hond die niet aan boord wilde
Donderdag vrij, vijf mensen, een fietstas met te veel brood en een route die Fenna twee weken geleden al had uitgetekend. Tot aan de loopplank ging alles goed.
Fenna had de route nog. Ze had hem twee weken geleden getekend voor onze eerste wandeling, die na veertig meter eindigde op een stoeprand, en hij hing sindsdien op de koelkast tussen de regels en een tekening.
Ze haalde hem er donderdagochtend om half negen af en legde hem op tafel. “Vandaag kan het wel”, zei ze.
Ze was daar behoorlijk zeker van.
Wat er goed ging
Bijna alles, dat is het rare.
We zijn met z’n vijven en de hond naar de dijk gelopen. Loes in de kar achter de fiets van Thijs, de rest lopend, Wolk aan de riem naast Bram, die de riem mocht vasthouden op het stuk waar geen auto’s komen en die dat deed met een gezicht alsof hij een vlag droeg.
Het was warm, de eerste echt warme dag van dit jaar. In de uiterwaarden stond het gras hoog en zaten de koeien in de schaduw onder de bomen. We zijn twee keer gestopt omdat er iets te ruiken viel en één keer omdat Bram beweerde dat hij niet verder kon, wat hij bij elk uitje op ongeveer hetzelfde punt beweert.
Hij liep langs fietsers. Hij liep langs een groep wandelaars met stokken. Hij ging één keer zitten toen er een tractor aankwam en stond daarna gewoon weer op.
Ik heb tegen Thijs gezegd: dit gaat lukken.
De loopplank
Het pontje voer. Er stonden vier fietsers te wachten en een man met een aanhangwagentje.
Wolk kwam tot precies de rand van de loopplank. Toen zette hij zijn poten uit elkaar en werd hij, op een manier die ik niet eerder had gezien, ineens twee keer zo zwaar.
Er is geen discussie geweest. Ik heb dit keer niet getrokken. Dat is misschien wel de enige echte vooruitgang van deze maand.
De schipper zei dat hij het vaker ziet en dat het meestal aan het geluid ligt, want dat ding trilt onder je voeten. Hij zei ook dat we het over een paar weken nog eens moesten proberen, en dat het dan vaak in één keer goed gaat.
En toen zei Bram, die dus al de hele weg de riem vasthield en die op dat moment al besloten had wat er ging gebeuren:
“Wij blijven wel hier, hoor.”
De vier minuten die we niet gevaren hebben
Het pontje duurt vier minuten. Dat weet ik omdat we het al zo vaak hebben gedaan dat Bram het meetelt en omdat het hier het goedkoopste uitje is dat bestaat. Het is bij ons de standaardoplossing voor een middag waarop niemand iets bedacht heeft.
Ik stond daar met de riem in mijn hand en dacht: dit is precies het ding waarvan ik had verwacht dat hij het leuk zou vinden.
Dat is natuurlijk een gedachte over mij en niet over de hond. Ik heb de afgelopen drie weken een lijstje in mijn hoofd opgebouwd van dingen die we straks samen gaan doen, en dat lijstje heeft hij nooit gezien. Hij heeft een tuin waarin hij een route heeft, een tafel waar hij onder ligt en een dijk die hij inmiddels kent. Dat is wat hij in negentien dagen heeft opgebouwd, en het pontje stond daar niet bij.
Aan deze kant
Fenna en Thijs zijn overgevaren. Dat was Fenna’s plan en dat plan hing twee weken op de koelkast en dat ging niet zomaar de prullenbak in.
Bram, Loes, ik en de hond zijn aan deze kant in het gras gaan zitten met de fietstas, waarin veel te veel brood zat, zoals altijd als ik vooraf denk dat het misschien te weinig is.
We hebben ze zien wegvaren, we hebben ze aan de overkant zien uitstappen, en twintig minuten later hebben we ze weer terug zien komen. Loes heeft de hele tijd gezwaaid, ook toen er niets te zien was. Wolk lag in het gras met zijn kop op mijn voet.
Op de terugweg was iedereen te warm en te stil. Bram vertelde een verhaal dat begon bij het pontje en dat ergens bij een oude man uitkwam.
De route ligt weer op tafel. Fenna heeft er met potlood een datum bij gezet.
4 reacties
-
Peter ·
Een hond die weigert op een pont te stappen is een hond met inzicht. Water hoort onder een weg te zitten en niet ernaast.
-
Marjolein ·
Wat een dag zeg. En dat Fenna die route bewaard had, daar werd ik echt even stil van. Kinderen houden dingen zo veel beter vast dan wij denken. Ik hoop dat jullie nog een keer gaan en dat hij dan wel meegaat, maar eerlijk gezegd is dit verhaal beter.
Merel schrijft dit blog
Dat dacht ik zelf ook al een beetje, Marjolein. Al zeg ik dat niet hardop tegen Fenna.
-
Wendy ·
Wat een heerlijke dag! Wij waren ook aan de IJssel donderdag, misschien hebben we elkaar wel gezien.
-
Yvonne ·
Gaan jullie het nog een keer proberen of laten jullie het pontje even zitten? Ik vraag het omdat ik altijd twijfel of je zoiets moet doorzetten of juist niet.
Merel schrijft dit blog
We laten het even. In juni is er nog genoeg water en hij weet nu in elk geval hoe de dijk ruikt.
Reageer op dit verhaal
Je reactie komt bij mij binnen met de titel van dit verhaal erbij, dus ik weet meteen waar hij over gaat. Ik lees alles zelf en plaats met de hand — dat kan een paar dagen duren, en niet alles komt online. Waarom staat in het reactiebeleid.
Verder lezen
Hier gaat het ook over
Het pontje was het uitje, de rest was erbij
We fietsten naar de uiterwaarden voor een middag buiten. Achteraf ging het maar over vier minuten ervan, en die vier minuten kostten vijftig cent per persoon.
Het pontje duurt vier minuten en het is nog altijd het beste uitje
Zondag namen we het veer over de IJssel en liepen we de uiterwaarden in. Vier minuten varen, drie uur buiten, en één kind dat halverwege niet meer wilde.
Een dag alleen met mijn oudste in Deventer en het beste moment duurde vier minuten
Ik had er een programma van gemaakt met een markt, een boekwinkel en patat aan het water. Wat er vanavond van over is, is iets heel anders.