Uitjes & vakanties

Een dag alleen met mijn oudste in Deventer en het beste moment duurde vier minuten

Ik had er een programma van gemaakt met een markt, een boekwinkel en patat aan het water. Wat er vanavond van over is, is iets heel anders.

Thijs had vandaag een vrije dag genomen, dus ik ben met Fenna naar Deventer gefietst en Bram en Loes zijn thuisgebleven met hun vader en de hond en een plan dat volgens Bram met de schuur te maken had.

We hebben die dertien kilometer deze zomer inmiddels vier keer gedaan en gisteren nog, toen we in de aula haar boekenpakket moesten ophalen, op alfabet, in een rij die tot buiten stond. Over de route hoefde dus niemand iets te zeggen. Dat scheelde.

Ik had er een dag van gemaakt. Dat is het eerste wat ik moet toegeven.

In mijn hoofd zat een programma van vier onderdelen: de vrijdagmarkt, een boekwinkel, ergens wat drinken, en dan patat aan het water met uitzicht op de IJssel. En ergens tussen onderdeel twee en drie zou er dan een gesprek ontstaan over de brugklas, over hoe ze het vindt, over of ze ergens tegenop ziet.

Zo werkt het natuurlijk niet. Ik ben veertig. Ik weet dat.

Onderdeel één tot en met drie

De markt was druk en warm en we hebben er twintig minuten over gedaan. Fenna is geen marktkind. Ze loopt er door zoals je door een gang loopt.

De boekwinkel ging beter, want daar is ze wel een kind van, en ze is een half uur weg geweest tussen de rekken terwijl ik bij de tijdschriften stond te doen alsof ik iets zocht. Wat ze meekwam was niet wat ik verwachtte. Geen dik boek met een reeks eromheen, waar ze normaal in verdwijnt, maar een dun boekje over het tekenen van gezichten.

Ik heb gevraagd sinds wanneer ze tekent.

Ze zei: “Ik teken niet, daarom.”

Daar heb ik het bij gelaten en dat was volgens mij de eerste goede beslissing van de dag.

Bij onderdeel drie ging het mis. Ik had ergens gedacht: we gaan zitten met wat te drinken, tegenover elkaar, en dan komt het wel. Wat er gebeurde is dat we tegenover elkaar zaten, allebei met een glas, in een zaak waar het te vol was, en dat ik een vraag stelde die ik van tevoren had voorbereid.

Ik vroeg of ze er zin in had.

Ze zei: “Ja, wel.”

En toen was er niets meer. Twee mensen aan een tafeltje van vijftig centimeter breed, met alle tijd van de wereld, en helemaal niets.

De vier minuten

We hebben de patat uiteindelijk meegenomen naar de kade en zijn op de stenen gaan zitten, met de bakjes op onze knieën en de IJssel eronder, en aan de overkant het pontje dat heen en weer ging met steeds drie of vier fietsers erop.

We zaten naast elkaar en we keken allebei naar het water.

En toen zei ze, zonder aanleiding, met haar mond half vol:

“Wist jij op je eerste dag waar de wc was?”

Ik heb gezegd dat ik dat niet wist. Dat ik het de eerste twee weken niet wist en dat ik toen op de gok een gang was ingelopen waar ik niet hoorde te zijn en dat er iemand tegen me heeft gezegd dat dat de personeelskamer was.

Ze lachte. Echt lachen, met haar hoofd naar achteren.

En toen zei ze dat ze daar dus aan had gedacht. Niet aan de vakken, niet aan het huiswerk, niet aan de leraren. Aan de wc, en aan waar je moet staan in de pauze als je nog niemand kent, en aan of je in de kantine ergens mag zitten of dat er plekken zijn die van iemand zijn.

Dat duurde bij elkaar misschien vier minuten. Toen kwam er een boot langs waar Bram jaloers op zou zijn geweest en ging het over iets anders.

Maar dat waren ze wel.

Wat ik ervan meeneem

Ik heb vandaag een dag gebouwd met vier onderdelen, waarvan er drie bedoeld waren om iets uit te lokken, en het kwam er pas uit toen we allebei op een koude steen naar een pontje zaten te kijken en niemand iets van de ander wilde.

Naast elkaar. Niet tegenover elkaar. Met iets in je handen om mee bezig te zijn.

Ik ga dat niet als methode opschrijven, want dan werkt het volgende week niet meer. Maar ik weet nu wel dat het tafeltje van vijftig centimeter een vergissing was en dat ik dat tafeltje uit gewoonte steeds weer opzoek.

Vanavond

Thuis bleek dat Thijs met Bram een plank in de schuur heeft opgehangen die er al zes jaar had moeten hangen, en dat Loes daar drie schelpen op heeft gezet die uit Denemarken zijn meegekomen. Ze noemt het nog steeds een winkel.

Fenna is met haar dunne boekje naar boven gegaan.

Toen ik later langs haar kamer liep zat ze op haar bed met het boekje open en een blaadje op een plank op haar knieen, en op dat blaadje stond iets wat op een oor moest lijken.

Er komt een bureau. Dat weet zij nog niet en dat weet Thijs sinds gisteravond.

Drie dagen nog.

#fenna#deventer#ijssel#brugklas

4 reacties

  1. Marjolein ·

    Oh, die vier minuten. Wat mooi. En wat herkenbaar dat je van tevoren van alles bedenkt en dat het er dan gewoon uit komt op een moment dat je even niet aan het opletten was. Ik heb dat met mijn dochter altijd in de auto gehad, zij achterin en ik voorin, allebei recht vooruit kijkend. Dat was onze plek.

    Merel schrijft dit blog

    De auto is bij ons ook zo'n plek. Naast elkaar en niet tegenover elkaar, dat scheelt kennelijk enorm.

  2. Peter ·

    Programma van vier onderdelen voor een twaalfjarige. Ik heb dat ook geprobeerd. Eén onderdeel had het gered.

  3. Nadia ·

    Ik neem dit mee. Minder plannen, langer zitten. Al kost me dat waarschijnlijk nog jaren.

  4. Hanneke ·

    Die vraag over de wc is de meest eerlijke brugklasvraag die er bestaat. Bij ons ging het over waar je in de pauze moet staan. Dat is hetzelfde probleem in een andere vorm.

    Merel schrijft dit blog

    Dat is precies hetzelfde probleem, ja. Waar sta ik, en ziet iemand dat ik niet weet waar ik moet staan.

Reageer op dit verhaal

Je reactie komt bij mij binnen met de titel van dit verhaal erbij, dus ik weet meteen waar hij over gaat. Ik lees alles zelf en plaats met de hand — dat kan een paar dagen duren, en niet alles komt online. Waarom staat in het reactiebeleid.

Ik lees alles zelf en plaats reacties met de hand — zie het reactiebeleid en de privacyverklaring.

Verder lezen

Hier gaat het ook over

Alles uit uitjes →