Drie keer oefenden we de route naar Deventer en de derde keer mocht ik niet mee
Dertien kilometer, veertig minuten, twee drukke oversteken. Op papier is dat niets. Maandagochtend hing ik de was op en keek ik negen keer op de klok.
De route is dit. De Kerkstraat uit, het dorp door, en dan het fietspad langs de weg naar Olst. Door Olst heen, over de kruising waar je moet wachten, en dan het laatste stuk richting Deventer met de IJssel aan je rechterhand.
Dertien kilometer. Veertig minuten als je een beetje doorrijdt en vijftig als het tegenwind is, wat het in Salland vaker is dan het weerbericht doet vermoeden.
Twee plekken waar je goed moet opletten. De rest is recht.
Dat is het. Dat is alles.
Ik heb dat de afgelopen week ongeveer veertig keer tegen mezelf gezegd.
De eerste keer, met z’n allen
De eerste twee keer hebben we in juli gedaan, in de week voordat we naar Denemarken vertrokken, omdat ik het idee had dat je zoiets niet op het laatste moment moet doen. Dat idee klopte half.
Die eerste keer zijn we met z’n vieren gegaan. Bram wilde mee omdat er langs dat stuk een gemaal staat waar hij iets mee heeft, en Loes zat achterop bij Thijs.
Dat was geen oefening. Dat was een uitje met veel geluid en drie stops.
Bij elke oversteek heb ik gezegd dat je hier moest opletten, wat waar is en wat na de tweede keer alleen nog geluid was.
Bij het schoolplein zijn we blijven staan. Het hek was dicht, er stond een container en er lag zand.
Fenna zei: “Het is groter dan op de open dag.”
Bram zei dat hij honger had.
De tweede keer, alleen wij twee
Twee dagen later zijn we met z’n tweeën gegaan. Afspraak: zij voorop, ik erachter, ik zeg niets.
Ik heb drie dingen gezegd.
Bij de rotonde zei ik dat we rechts moesten aanhouden. Dat wist ze.
Halverwege Olst zei ik dat het fietspad daar smal wordt. Ze zat er al netjes.
En bij de laatste kruising zei ik dat je hier moet wachten tot je ze allebei ziet. We stonden al te wachten.
Alle drie de keren heeft ze geknikt zonder iets te zeggen en zonder om te kijken, en bij de derde keer heb ik gehoord hoe het klonk. Het klonk alsof ik dacht dat ze het niet wist. Terwijl ze het wist, en ik wist dat ze het wist.
Ik heb sorry gezegd. Zij zei dat het niet gaf.
Op de terugweg heeft ze me haar eigen versie van de route laten zien, op een blaadje in haar jaszak, in stappen. Zeven stappen. Bij stap vier stond een tijd. Bij stap zes stond: als het regent ga ik toch, alleen eerder weg.
Dat laatste hadden we nooit besproken. Dat had ze zelf bedacht.
De derde keer
Daar zaten toen ruim drie weken tussen, waarvan er twee in Denemarken zaten en waarin er over die route geen woord is gevallen.
Maandagochtend, dus gisteren, is ze alleen gegaan.
Om acht uur weg. Naar het gebouw, één rondje om het blok, en terug. Bij elkaar anderhalf uur als je onderweg niet stopt.
Ik had een plan. Mijn plan was dat ik met de auto naar Olst zou rijden en daar op de parkeerplaats bij de kruising zou staan, gewoon om te kijken. Ik heb dat plan om zeven uur ‘s ochtends bedacht terwijl ik koffie zette en ik heb er tot half acht serieus over nagedacht.
Ik heb het niet gedaan. Niet omdat ik zo verstandig ben, maar omdat Thijs, die om kwart over zeven de deur uit ging, in de gang zijn schoenen stond aan te trekken en zonder op te kijken zei: “Je gaat toch niet achter haar aan rijden.”
Het was geen vraag. Ik heb gezegd dat ik dat natuurlijk niet ging doen.
Dus ik heb de was opgehangen. Ik heb de hele was opgehangen, sok voor sok, met de tuindeur open en Wolk op de drempel, en ik heb in dat uur ongeveer negen keer op de klok in de keuken gekeken.
Ze was om 9.41 uur thuis. Eenennegentig minuten na vertrek.
Wat ze zei toen ze binnenkwam
Ze zette haar fiets in de schuur, kwam binnen, pakte een glas water en zei:
“Bij dat gemaal kun je er ook langs de andere kant omheen. Dan hoef je die kruising helemaal niet.”
Dat wist ik niet. Ik heb dat stuk drie keer gereden en ik heb nooit gezien dat het ook anders kon.
Ze had het al op haar blaadje gezet. Stap vijf was doorgestreept en er stond iets nieuws.
Of het echt korter is weet ik niet. Ik ga het niet controleren.
En de telefoon
Ja, die is er. Sinds gisteren, dezelfde dag nog, want de afspraak was dat ze hem in de laatste week van de vakantie zou krijgen en die is maandag begonnen.
Dat we die twee dingen op dezelfde dag hebben laten vallen was geen plan. Het is wel toevallig netjes uitgekomen, want de reden dat ze hem krijgt is precies die dertien kilometer.
We hebben er geen contract van veertien punten van gemaakt. Vier afspraken, allemaal over waar en wanneer en niet over wat, en in oktober kijken we opnieuw. Verder gaan we het meemaken. Ik heb genoeg gelezen over hoe dit hoort en ik weet inmiddels dat de meeste van die stukken geschreven zijn door mensen met één kind dat luistert.
Vanochtend lag hij op de trap, opgeladen, met het blaadje eronder.
Donderdag halen we de boeken op. Maandag gaat ze echt.
Vragen die ik hierover kreeg
Hoe oefen je de fietsroute naar de middelbare school?
Wij hebben het in drie keer gedaan en dat was precies goed. De eerste keer samen en hardop, de tweede keer met je kind voorop en jij erachter zonder iets te zeggen, en de derde keer helemaal alleen terwijl jij thuisblijft. Doe het op een doordeweekse ochtend rond de tijd dat het straks echt gebeurt, want een leeg fietspad op zondag zegt niets.
Is dertien kilometer ver voor een brugklasser?
Voor Salland is het heel gewoon en zij is niet de enige uit ons dorp die het doet. Wat er meer toe doet dan de afstand zijn de oversteken, het donker in november en of er een stuk bij zit waar je alleen rijdt. Wij hebben over die drie dingen meer gepraat dan over de kilometers.
Welke afspraken maak je bij een eerste telefoon?
Wij hebben er vier gemaakt en die gaan allemaal over waar en wanneer, niet over wat. Hij slaapt beneden, hij komt niet aan tafel, op school gelden de regels van de school, en we kijken er in oktober opnieuw naar. Verder gaan we het gewoon meemaken, want ik geloof niet in een lijst van veertien punten die na drie weken in een la ligt.
5 reacties
-
Hanneke ·
Die tweede keer, waarbij je haar corrigeerde terwijl ze het al goed deed. Ik heb dat bij alle drie mijn kinderen gedaan en pas bij de derde had ik door dat ik het deed om iets te doen te hebben.
Merel schrijft dit blog
Om iets te doen te hebben. Ja. Daar had ik het woord nog niet voor en nu wel.
-
Sandra ·
Koop nu al een goede voorlamp en niet in oktober als het al donker is, want dan zijn ze overal uitverkocht en neem je iets wat na drie weken los gaat zitten. En laat haar een keer in het donker met jou de route rijden voor de herfstvakantie, dan is die eerste donkere ochtend geen verrassing.
-
Ingrid ·
Dertien kilometer op je twaalfde. Wat een grote stap en wat gaat dat snel. Ik zie dat kleine figuurtje met die tas helemaal voor me, en u thuis met de was. Sterkte de komende weken, het went en het went ook nooit.
-
Bas ·
Eén route, twee oversteken. Ik zeg het met alle vriendelijkheid, maar volgens mij is dit vooral spannend voor jou.
Merel schrijft dit blog
Klopt helemaal, Bas, en dat staat ook zo ongeveer in de derde alinea. Ik schrijf hier vooral over mezelf en dat probeer ik niet te verbergen.
-
Karin ·
IK MOEST HIER ZO OM LACHEN. Jij die de was ophangt terwijl je de klok in de gaten houdt. Ik zie het precies voor me en ik ga er nog jaren mee door.
Reageer op dit verhaal
Je reactie komt bij mij binnen met de titel van dit verhaal erbij, dus ik weet meteen waar hij over gaat. Ik lees alles zelf en plaats met de hand — dat kan een paar dagen duren, en niet alles komt online. Waarom staat in het reactiebeleid.
Verder lezen
Hier gaat het ook over
Ze krijgt in augustus een telefoon en wij hebben nog geen enkele regel
Fenna legde zondag een vel papier op tafel met twee kolommen. Links wat wij zouden gaan zeggen, rechts haar antwoord daarop. Wij waren binnen tien minuten klaar.
Het duurde vijf dagen voor ze over het kamp begon
Ze kwam woensdag terug met een vieze tas en zei dat het leuk was geweest. Meer niet. Ik heb mezelf daarna vijf dagen lang verboden om door te vragen.
Ze fietst nu naar Deventer en ik weet niet welke route ze neemt
Sinds twee weken vertrekt Fenna om tien over zeven op de fiets naar de middelbare school. Wat er tussen dat moment en kwart over vijf gebeurt, hoor ik niet meer.