Ze krijgt in augustus een telefoon en wij hebben nog geen enkele regel
Fenna legde zondag een vel papier op tafel met twee kolommen. Links wat wij zouden gaan zeggen, rechts haar antwoord daarop. Wij waren binnen tien minuten klaar.
Zondagavond, half acht, tafel afgeruimd. Loes lag boven, Bram was buiten met een bal.
Fenna kwam beneden met een vel papier en legde dat tussen Thijs en mij in. Ze ging niet zitten. Ze bleef staan, met haar handen op de rugleuning van haar eigen stoel.
Bovenaan stond, onderstreept met een liniaal: telefoon.
Daaronder twee kolommen.
Wat er op dat papier stond
Links stond: wat jullie gaan zeggen. Rechts stond: wat ik dan zeg.
Ik geef er vijf van de zeven, want de laatste twee gaan over andere kinderen en die zijn niet van mij om op te schrijven.
- Jullie: je bent er nog te jong voor. — Ik ben twaalf en ik ga in augustus in mijn eentje naar Deventer.
- Jullie: je kunt mijn telefoon lenen. — Dat kan niet als jullie er niet zijn en dat is precies wanneer ik hem nodig heb.
- Jullie: dan zit je de hele dag te kijken. — Dat weten jullie niet en ik ook niet, dus dat moeten we afspreken en niet vooraf beslissen.
- Jullie: dat kost geld. — Ik heb geld gevraagd voor mijn verjaardag en ik heb ook nog van Kerst.
- Jullie: we moeten er nog over nadenken. — Dat zeggen jullie in maart ook en dan gebeurt er niks.
Punt drie is de reden dat wij binnen tien minuten klaar waren.
Ze heeft daar in één zin opgeschreven wat wij vorig jaar in de voorjaarsvakantie fout hebben gedaan met de tablet, toen we een regel bedachten voordat er iets aan de hand was en die regel het precies drie dagen volhield. Ze was toen tien. Ze heeft dat dus onthouden.
En punt vier klopte ook nog. Dat derde ding waar ze op haar verjaardag om vroeg en waar ze niet bij wilde zeggen waar het voor was, was dus dit.
Waar Thijs en ik het niet over eens waren
Thijs vindt een telefoon gereedschap.
Dat is niet gek voor iemand die de hele dag met mensen werkt die op een bouwplaats staan en die dat ding gebruiken om te bellen en foto’s te sturen. Zijn standpunt was: ze gaat naar de middelbare school, ze heeft hem nodig, ze krijgt hem, klaar. Hij wilde het gesprek van zondagavond eigenlijk niet eens voeren.
Ik vind een telefoon geen gereedschap maar een kamer. Een kamer waar zij in gaat zitten en waar ik niet in mag en die ze meeneemt naar boven.
We hebben daar zondag na haar vertrek nog een uur over doorgepraat en we zijn er niet helemaal uitgekomen. Wat we wel hebben vastgesteld is dat wij hier allebei redeneren vanuit iets wat we nog nooit hebben meegemaakt, want zij is de eerste, en dat alles wat wij erover denken dus komt van andere ouders, van dingen die we ergens gelezen hebben en van hoe we zelf zijn.
Dat is een zwakke basis voor een regel. Ik zeg dat niet cynisch, ik zeg het omdat het waar is.
Wat we hebben afgesproken
Vier dingen. Meer niet, en dat is bewust.
Eén. Ze krijgt hem in de laatste week van de vakantie, niet eerder. De reden is dat ik niet wil dat zes weken Denemarken en zomer over een telefoon gaan, en dat heeft ze geaccepteerd na twee minuten stilte.
Twee. Hij slaapt beneden. Er staat een bak in de gang en daar gaat hij in vanaf negen uur. Die van Thijs en die van mij ook. Dat laatste was haar voorwaarde en ik heb daar heel even iets van willen zeggen en toen ingezien dat ze gewoon gelijk had.
Drie. Niet aan tafel. Dat geldt voor iedereen en dat gold hier al, maar het staat er nu bij.
Vier. In oktober gaan we opnieuw zitten. Met dit papier erbij. En dan mogen alle vier de afspraken op de schop, ook door ons.
Wat er niet in staat: hoe lang. Wat erop mag. Wie ze mag toevoegen. Daar hebben we niets over vastgelegd omdat we het niet weten, en ik heb liever dat we in oktober iets bedenken dat past bij wat er dan echt gebeurt dan dat we nu iets bedenken waar we ons allemaal binnen een week niet aan houden.
Het stuk waar ik nog over nadenk
Er was één punt waarop het bijna misging en dat ging over meelezen.
Ik wilde erin hebben dat wij mogen kijken. Niet stiekem, gewoon, dat het bij de afspraak hoort. Thijs vond dat niet nodig en wilde er niet eens over praten.
En toen zei Fenna iets waar ik sindsdien mee rondloop.
“Als jullie het gewoon vragen, laat ik het zien. Als jullie het gaan doen zonder vragen, ga ik het verstoppen. Dat weten jullie ook wel.”
Daar is niets tegenin te brengen. Dat is geen dreigement en het is ook geen slimmigheid. Het is gewoon een correcte beschrijving van hoe mensen werken, uitgesproken door iemand die twee weken geleden twaalf is geworden en die haar tanden nog niet allemaal recht heeft.
We hebben het uiteindelijk zo opgeschreven: we lezen niet mee zolang we geen reden hebben, en als we een reden hebben zeggen we het en dan zeggen we ook welke.
Ik weet niet of dat goed is. Ik weet wel dat het het enige is wat ik zondagavond kon verzinnen waar ik mezelf niet bij hoorde liegen.
Het papier ligt in de la in de keuken, bij dat briefje over de taart en de slagroom dat daar al jaren ligt.
In oktober komt het er weer uit.
Vragen die ik hierover kreeg
Wanneer geef je je kind een eerste telefoon?
Bij ons is het de laatste week van de zomervakantie geworden, vlak voor de brugklas begint. Niet eerder, omdat we niet wilden dat de hele vakantie erover zou gaan, en niet later, omdat ze in die eerste week alle praktische dingen via haar klas regelt en dan niet als enige zonder wil staan. Dat is een keuze van ons en geen advies.
Welke afspraken maak je bij een eerste telefoon?
Wij hebben er vier gemaakt en die gaan allemaal over waar en wanneer, niet over wat. De telefoon slaapt beneden, hij gaat niet mee naar tafel, hij mag mee naar school volgens de regels van de school, en we kijken er in oktober opnieuw naar. Over apps en inhoud hebben we bewust nog niets vastgelegd omdat we daar nog te weinig van weten.
Mag je als ouder meelezen in de berichten van je kind?
Wij hebben daar het langst over gepraat en zijn er niet uitgekomen op de manier die ik had verwacht. Uiteindelijk hebben we afgesproken dat we niet meelezen zolang we geen reden hebben, en dat we haar dan vertellen dat we het doen en waarom. Meelezen zonder het te zeggen kost je volgens mij meer dan het oplevert.
5 reacties
-
Sandra ·
Zet de oplader beneden in de gang en niet in de keuken, dan hoeft niemand er langs bij het ontbijt. En doe hem er zelf ook in, dat is het enige wat echt werkt. Kinderen accepteren alles behalve een regel die alleen voor hen geldt.
Merel schrijft dit blog
De bak staat in de gang, Sandra, precies om die reden. En ja, die van Thijs en mij gaan er ook in. Dat was haar voorwaarde en ze had gelijk.
-
Hanneke ·
Ik zou dat vel papier bewaren. Niet om er iets mee te doen, gewoon om over tien jaar te laten zien dat ze op haar twaalfde al wist hoe ze een gesprek moest voorbereiden. Mijn oudste kwam destijds met tranen en dat werkte trouwens ook, maar dit is beter.
-
Bas ·
Nette aanpak. Wel een kanttekening, jullie hebben nu vooral geregeld waar dat ding ligt en niet wat erop gebeurt. Dat is de makkelijke helft. Ik zeg niet dat jullie het verkeerd doen, ik zeg dat de moeilijke helft er nog aan komt.
Merel schrijft dit blog
Dat weet ik, Bas, en dat is precies waarom we in oktober opnieuw gaan zitten. Ik ga niets vastleggen over iets wat ik nog niet gezien heb.
-
Nadia ·
Mijn oudste is negen en vraagt er nu al om omdat er twee kinderen in de klas een hebben. Ik heb hier zitten lezen en denk dat ik gewoon nog twee jaar nee moet zeggen, maar ik weet niet hoe ik dat volhoud.
-
Wendy ·
Wat een slim kind zeg. Twee kolommen. Ik zou meteen ja hebben gezegd en dan achteraf pas hebben nagedacht.
Reageer op dit verhaal
Je reactie komt bij mij binnen met de titel van dit verhaal erbij, dus ik weet meteen waar hij over gaat. Ik lees alles zelf en plaats met de hand — dat kan een paar dagen duren, en niet alles komt online. Waarom staat in het reactiebeleid.
Verder lezen
Hier gaat het ook over
Drie keer oefenden we de route naar Deventer en de derde keer mocht ik niet mee
Dertien kilometer, veertig minuten, twee drukke oversteken. Op papier is dat niets. Maandagochtend hing ik de was op en keek ik negen keer op de klok.
Ze vroeg of ze alleen mocht fietsen en ik zei ja voor ik nadacht
Ruim een week na haar elfde verjaardag stond Fenna met haar fiets in de gang. Mijn ja was eruit voor ik wist wat ik precies had toegestaan, en toen begon het pas.
Het duurde vijf dagen voor ze over het kamp begon
Ze kwam woensdag terug met een vieze tas en zei dat het leuk was geweest. Meer niet. Ik heb mezelf daarna vijf dagen lang verboden om door te vragen.