Uitjes & vakanties

Thijs had een vuurtoren in zijn hoofd zitten sinds februari

Een half uur rijden en een half uur klimmen door los zand. Mijn man, die nooit iets voorstelt, bleek dit uitje al maanden geleden te hebben uitgezocht.

We rijden hier weinig. Dat is een beetje het idee van deze vakantie geweest: een tent op een grasveld tussen een fjord en de zee, een zandpad naar het strand, en verder lopen. Thijs heeft de auto in twaalf dagen drie keer gebruikt en twee keer daarvan was voor boodschappen.

Woensdagochtend zei hij bij het brood: “Als we gaan, moeten we voor tienen weg.”

Ik vroeg waarheen.

Hij zei: “Die vuurtoren.”

De man die nooit iets voorstelt

Thijs is niet iemand die dingen voorstelt. In vijftien jaar heeft hij, denk ik, vier uitjes bedacht. Hij is degene die meegaat, die de tas draagt, die de route in zijn hoofd heeft omdat iemand dat moet doen, en die achteraf zegt dat het mooi was.

Als ik hem vraag wat hij wil, zegt hij dat het hem niet uitmaakt, en dat is meestal ook waar.

Dus toen hij daar bij het brood stond met een boterham in zijn hand en zei dat we voor tienen weg moesten, ben ik niet gaan onderhandelen. Ik heb tegen Loes gezegd dat ze haar laarzen aan moest.

Later, in de auto, kwam het er stukje bij beetje uit. Hij had die vuurtoren in februari gezien. In februari zaten wij in de voorjaarsvakantie met sneeuw op de Sallandse Heuvelrug en ‘s avonds op de bank, en hij is toen kennelijk in een filmpje beland over een gebouw dat verplaatst is.

Een half jaar heeft hij daar niets over gezegd. Hij heeft wel, toen we in mei de route naar Denemarken zaten uit te zoeken, gezegd dat het hem niet uitmaakte waar we precies zaten “zolang het maar aan die kant is”.

Dat had ik kunnen weten.

Een vuurtoren die in het zand zakt

Wat we zagen is dit. Je parkeert bij een pad, je loopt, en het pad houdt op en wordt zand. Niet strandzand. Los, diep duinzand waar je enkels in verdwijnen en waarin een stap ongeveer een halve stap oplevert.

Je klimt een kwartier tegen een helling op waar niets groeit, met de wind schuin in je gezicht, en dan sta je op een kale kop zand en staat daar een vuurtoren.

Hij is van rond 1900. Hij is gebouwd op het hoogste punt, met een huis ernaast en een tuin eromheen, en toen is het zand komen aanwaaien. Elk jaar een stukje. Op een gegeven moment stond hij tot halverwege in een duin dat langzaam over hem heen liep. Het huis ernaast is helemaal weg, dat is afgebroken en ondergestoven. En omdat de zee ondertussen aan de andere kant de kust afknaagt, kwam de rand steeds dichterbij.

En toen hebben ze in 2019 die hele toren op wielen gezet en zeventig meter landinwaarts gereden.

Thijs heeft dat hele bord voorgelezen. Hardop, met zijn rug naar de wind zodat wij het konden verstaan, en niemand heeft hem onderbroken, ook Bram niet, en Bram onderbreekt alles.

Wat de kinderen ermee deden

Bram wilde weten hoe zwaar hij was. Toen wilde hij weten hoeveel wielen. Toen wilde hij weten of ze hem nog een keer gaan verplaatsen als het zand er weer overheen komt, en dat is een goede vraag waar het bord geen antwoord op gaf, dus die is thuis nog niet klaar.

Loes wilde halverwege de helling niet meer. Dat is inmiddels zo vast dat we het bijna in de planning zetten. Thijs heeft haar het laatste stuk gedragen, wat zwaarder is dan het klinkt in dat zand, en boven wilde ze meteen weer zelf lopen en was ze boos dat we haar gedragen hadden.

Fenna is bijna niet bij de toren geweest. Zij is doorgelopen naar de rand, waar het duin ophoudt en het gewoon naar beneden gaat, en daar is ze gaan zitten met haar armen om haar knieën. Ik ben er een tijdje bij gaan staan.

Ze zei, na een minuut of twee:

“Ze hebben hem verplaatst zodat hij er nog is. Maar het is niet meer dezelfde plek.”

Ik heb daar geen antwoord op gegeven, want ik weet precies waar dat over ging en dat gaat niet over een vuurtoren.

Beneden

Beneden aan de zeekant is het strand breed en ligt er van alles. Er had een paar dagen daarvoor stevig weer gestaan en dan spoelt er hout aan, en wier, en stukken plastic waar ik chagrijnig van word.

Bram heeft daar drie kwartier lopen zoeken, gebogen, met zijn handen op zijn rug zoals een oude man, precies zoals hij in Frankrijk stenen zocht en het jaar daarvoor bij de IJssel.

Hij vond een geel doorschijnend stukje ter grootte van een duimnagel.

Volgens Thijs is het barnsteen. Volgens mij is het een stukje van iets anders. We hebben het tegen het licht gehouden en er is niemand van ons die het weet, en toen zei Thijs iets waarvan ik denk dat het de beste zin van deze hele vakantie is.

Hij zei: “Zolang we het niet opzoeken, is het barnsteen.”

Het ligt nu in een leeg jampotje op de plank in de voortent. Het gaat mee naar huis. Het komt in Wijhe in de la in zijn kamer bij de doppen en de stenen, en over drie jaar komt het bij het opruimen weer tevoorschijn en dan weet niemand meer wat het is.

Op de terugweg

Op de terugweg is iedereen in slaap gevallen behalve Thijs en ik.

Ik heb gevraagd of het was zoals hij gedacht had.

Hij zei: “Groter.”

Meer heeft hij er niet over gezegd, en dat is voor deze man ongeveer een lofrede van tien minuten.

Overmorgen breken we op. Dan rijden we in één lange dag terug naar Wijhe, met een auto vol zand dat we tot december blijven vinden.

#thijs#denemarken#duinen#vuurtoren

5 reacties

  1. Marjolein ·

    Wat een prachtig stuk en wat mooi dat Thijs eens de hoofdrol krijgt. Ik las het aan mijn zus voor door de telefoon, dat stuk waar hij dat bordje voorleest en niemand hem onderbreekt. Mannen die weinig zeggen zeggen soms in één keer alles. Mijn eigen man kon zo over sluizen praten en ik heb er destijds niet altijd even goed naar geluisterd, dat spijt me nog steeds.

    Merel schrijft dit blog

    Dank je Marjolein. Ik heb deze aan Thijs laten lezen en hij zei dat het meeviel, wat bij hem heel veel betekent.

  2. Peter ·

    Een gebouw op rails verplaatsen. Daar kan ik een hele avond over lezen. Bedankt voor de tip, die staat op de lijst.

  3. Yvonne ·

    Hoe deed Loes het met al dat zand? Wij hebben een driejarige en ik zie het al helemaal voor me, dat halverwege iemand niet meer wil.

    Merel schrijft dit blog

    Ze wilde halverwege niet meer en boven wilde ze weer wel. Dat is bij ons ongeveer het vaste patroon van elk uitje sinds 2023.

  4. Wendy ·

    Wat een plek! En wat leuk dat Bram iets gevonden heeft. Mag ik vragen of het echt barnsteen was?

  5. Bas ·

    Mooi verhaal. Al vraag ik me af of hij het echt sinds februari wist of dat je dat er achteraf bij bedenkt omdat het zo goed uitkomt.

Reageer op dit verhaal

Je reactie komt bij mij binnen met de titel van dit verhaal erbij, dus ik weet meteen waar hij over gaat. Ik lees alles zelf en plaats met de hand — dat kan een paar dagen duren, en niet alles komt online. Waarom staat in het reactiebeleid.

Ik lees alles zelf en plaats reacties met de hand — zie het reactiebeleid en de privacyverklaring.

Verder lezen

Hier gaat het ook over

Alles uit uitjes →