Werk & balans

Voor de vierde keer begin ik met hardlopen

Donderdagochtend, zeven uur, drieënhalve graad en mist boven de IJssel. Ik heb 2,8 kilometer gehaald en dat is drie keer eerder ook al mijn beginafstand geweest.

Vanochtend om tien over zeven stond ik in het donker bij de voordeur mijn veters te strikken met het gevoel dat ik iets deed wat ik al drie keer eerder had gedaan. Wat ook zo was.

Drieënhalve graad. Mist boven de uiterwaarden, zo dik dat je de dijk pas ziet als je erop staat. Ik heb 2,8 kilometer gelopen, waarvan ik er zeker vierhonderd meter heb gewandeld, en ik ben thuisgekomen met een hoofd dat aanvoelde als een gewassen raam.

De vorige drie keren

De eerste keer was in 2017, toen ik zwanger was van Bram en er vlak daarvoor mee gestopt ben, met een uitstekende reden. Dat telt eigenlijk half.

De tweede keer was in het voorjaar van 2021. Karin heeft daar een foto van, waar ik naar eigen zeggen uitzie als iemand die iets kwijt is. Ik heb het toen zeven weken volgehouden en ben gestopt omdat er een vakantie tussen kwam. Dat is de hele reden. Niet een blessure, niet drukte. Een vakantie.

De derde keer was vorig jaar februari, na mijn verjaardag, en die heeft vier keer geduurd. Vier keer. Ik weet nog dat ik na de vierde keer dacht: dit is nu de gewoonte. En toen ging het regenen, twee weken achter elkaar, en dat was dat.

En nu, januari 2025, sta ik weer in de gang met dezelfde jas, want dat had Karin goed gezien.

Wat er dit keer anders is, denk ik

Ik heb geen schema. Dat is het verschil. De vorige keren had ik een app met weken erin en dagen die groen werden, en zodra ik één dag miste klopte het schema niet meer en klopte er dus niks meer.

Dit keer heb ik één afspraak met mezelf gemaakt en die gaat niet over lopen. Hij gaat over opstaan. Op donderdag en op zondag sta ik om zes uur op. Wat ik daarna doe mag ik zelf weten. Als ik beneden op de bank ga zitten met koffie is dat ook goed.

Vanochtend zat ik dus met koffie op de bank en om vijf voor zeven dacht ik: nou ja. En toen ging ik.

Dat is een truc en ik weet dat het een truc is. Maar ik ben achtendertig en ik ben er inmiddels achter dat ik met mezelf moet onderhandelen als met een kind van vier. Niet: ga hardlopen. Wel: doe je schoenen aan en dan kijken we verder.

Het is stil op de dijk in januari

Er was niemand. Er is bijna nooit iemand om die tijd, en al helemaal niet in de mist. Ik hoorde alleen mijn eigen ademhaling, die de eerste kilometer klinkt als iemand die iets ergs meemaakt, en de ganzen ergens rechts in de uiterwaarden die je niet kunt zien.

Het water staat hoog. Dat staat het altijd in januari, maar dit jaar meer dan anders — de kribben zijn weg, het gras aan de rand staat onder, en er drijft van alles langs waar je liever niet over nadenkt.

Ik heb er tien minuten gelopen zonder één keer aan iets te denken wat af moest. Dat is voor mij zeldzamer dan het klinkt. Ik ben iemand die om half zeven ‘s ochtends al weet welke drie dingen er vandaag misgaan, en op die dijk was er niks. Alleen grijs, en koud, en mijn eigen voetstappen.

Bij de bocht bij het pontje ben ik gaan wandelen. Niet omdat het moest, maar omdat ik het mooi vond en niet buiten adem wilde zijn terwijl ik ernaar keek.

Thuis stond er iemand bij het raam

Toen ik terugkwam brandde er licht in de keuken en stond Loes op een stoel bij het raam. Twee jaar, in haar pyjama, gele laars al aan, want die gaat sinds juni overal mee naartoe. Ze zwaaide met twee handen tegelijk, wat ze doet als ze denkt dat één hand niet genoeg is.

Thijs schonk koffie in en zei niks over het hardlopen, wat precies goed was. Hij vroeg hoe koud het was. Ik zei drieënhalf. Hij zei “hm”.

Fenna zat aan tafel met een boek en keek op. “Ga je dit nu elke week doen?”

Ik zei dat ik dat niet wist.

Ze knikte en las verder, en ik denk dat dat het eerlijkste gesprek was dat ik deze week gevoerd heb.

Zondag om zes uur weer opstaan. Meer heb ik niet afgesproken.

Vragen die ik hierover kreeg

Hoe hou je hardlopen vol als je het al vaker hebt opgegeven?

Ik weet het niet, en dat is een eerlijker antwoord dan wat ik erover zou willen zeggen. Wat bij mij het langst heeft gewerkt is niet plannen wanneer ik loop, maar wanneer ik opsta. Als ik om zes uur beneden sta gebeurt het meestal wel. Als ik het uitstel tot na school gebeurt het nooit.

Wanneer loop je als je drie dagen werkt en kleine kinderen hebt?

Voor iedereen wakker is. Dat is niet romantisch bedoeld, het is gewoon het enige gat in de dag dat niemand van me afpakt. Op werkdagen lukt het niet, dus het zijn twee ochtenden in de week en soms een zaterdag als Thijs met de kinderen wat doet.

#hardlopen#januari#gewoontes#uiterwaarden

4 reacties

  1. Sandra ·

    Begin niet met afstand maar met tijd. Twintig minuten, wandelen mag ertussen, en je kijkt niet op je horloge tot je thuis bent. Zo heb ik het volgehouden na drie mislukte pogingen. Het gaat om de gewoonte, niet om de kilometers.

    Merel schrijft dit blog

    Dat is een goede, Sandra. Ik ga hem proberen. Al zal ik dan wel iets moeten doen aan hoe vaak ik op dat horloge kijk.

  2. Nadia ·

    Ik lees dit met een baby van vijf maanden op schoot en ik weet niet of ik nou hoop krijg of juist niet. Hoe deed je dat toen Loes klein was? Ik kom echt nergens aan toe.

    Merel schrijft dit blog

    Toen deed ik het niet, Nadia. Helemaal niet, twee jaar lang. Dat mag ook. Het loopt niet weg.

  3. Karin ·

    VIERDE KEER? Merel. Ik heb de tweede keer nog op de foto staan. Je had toen ook al die jas aan.

  4. Bas ·

    Vier keer beginnen is nog steeds vier keer meer dan de meeste mensen. Ik zeg dit als iemand die het nul keer heeft gedaan.

Reageer op dit verhaal

Je reactie komt bij mij binnen met de titel van dit verhaal erbij, dus ik weet meteen waar hij over gaat. Ik lees alles zelf en plaats met de hand — dat kan een paar dagen duren, en niet alles komt online. Waarom staat in het reactiebeleid.

Ik lees alles zelf en plaats reacties met de hand — zie het reactiebeleid en de privacyverklaring.

Verder lezen

Hier gaat het ook over

Alles uit balans →