Ze noemde één naam en ik heb daar veel te veel van gemaakt
Loes zei zes dagen achter elkaar dezelfde naam en ik heb daar binnen een week een speelafspraak van gemaakt. Woensdagmiddag bleek wie die afspraak eigenlijk wilde.
Woensdagmiddag, half drie, twee vierjarigen aan onze keukentafel. De ene is van mij. De andere is er dan al vijftig minuten en ze hebben in die vijftig minuten geen woord tegen elkaar gezegd.
Niet boos. Niet verlegen. Gewoon: geen woord.
Ik stond bij het aanrecht appels in partjes te snijden die niemand gevraagd had en ik dacht, met een schrik die ik nog steeds voel als ik het opschrijf: dit heb ik zelf verzonnen.
De naam die er zes dagen achter elkaar was
Loes zit sinds eind maart op school en ze vertelt daar niets over, en dat heb ik hier al opgeschreven en dat ga ik niet nog een keer doen.
Wat er wel gebeurde, ergens in week twee, is dat er een naam kwam.
Nore.
Eerst in de auto, midden in iets anders. Toen aan tafel, bij het woord beker. Toen op maandag drie keer, waarvan één keer tegen de hond. Ik heb ze geteld, want ik was op dat moment een vrouw die namen telde.
Zes dagen achter elkaar. Elke dag minstens één keer. Verder niets: geen zin, geen verhaal, geen wat we gedaan hebben. Alleen die naam, zoals je een woord uitprobeert dat lekker in je mond ligt.
En ik heb daar iets van gemaakt.
Wat ik daarvan gemaakt heb
Ik ben in de klassenapp gaan zoeken wie Nore was. Ik heb bij het hek aan een moeder gevraagd of zij wist welke Nore, en dat gesprek duurde langer dan nodig, want ik heb er nog drie zinnen omheen gezet om te verbergen dat ik het belangrijk vond.
Ik heb daarna een bericht gestuurd dat ik vier keer heb herschreven. In de laatste versie stond het woord gezellig twee keer, wat één keer te veel is en waar ik het bij heb gelaten omdat ik anders nooit op verzenden zou drukken.
Er kwam binnen tien minuten een aardig antwoord terug. Woensdag kon, want woensdag zijn ze om kwart over twaalf uit en dan heeft niemand iets. Behalve wij dan, want woensdag is hier de dag waarop nooit iets past, maar dat leek me op dat moment een detail.
En pas toen alles rond was, met een tijd en een adres en een opmerking over allergieën waar wij er geen van hebben, heb ik het aan Loes verteld.
Ze zei: “Oké.” En toen vroeg ze of ze een boterham met hagelslag mocht.
Dat had ik moeten horen. Ik heb het gehoord en ik heb het weggezet als iets waar ze nog te klein voor is om enthousiast over te zijn, wat als zin al fout is en wat ik pas op woensdag doorhad.
Van kwart over twaalf tot kwart over drie
Ik ben ze samen gaan halen bij het hek. Nore had een rugzakje op met een rits die halverwege kapot is en dat weet ik nog precies, want ik heb daar in de gang drie minuten op zitten frunniken terwijl er twee kinderen zwijgend naar mijn handen keken.
Wat er daarna gebeurde, eerlijk:
- Ze hebben allebei een boterham gegeten aan dezelfde tafel, op ongeveer een meter afstand, in stilte.
- Ze zijn allebei naar de bak met water op het terras gegaan, waar iets in dreef dat vorig jaar een bootje was, en daar hebben ze allebei apart in staan roeren.
- Nore heeft één keer iets gezegd. Dat ging over Wolk en het was: “Die hond kijkt.”
- Loes heeft daar niet op geantwoord maar wel geknikt, wat ik als moeder van dat kind opvat als een gesprek.
- Om half drie zaten ze allebei met de duplo, met de rug naar elkaar toe, aan dezelfde tafel.
Om kwart over drie is Nore opgehaald door haar vader, die vroeg of het gezellig was geweest, en ik heb ja gezegd en zij hebben allebei niets gezegd en toen was het klaar.
Om kwart voor vier moest Bram naar voetbal. Om vier uur moest Fenna naar streetdance in de zaal op het dorp. Ik heb dus precies twintig minuten gehad om me hier ellendig over te voelen en dat is achteraf de beste planning van die hele week geweest.
Wat ze er zelf over zei
In bad, diezelfde avond, met de washand op haar hoofd, zei ze uit zichzelf:
“Nore was er.”
Ik heb gezegd: ja, Nore was er.
En zij zei: “Nore is er ook op school.”
Verder niets. Geen leuk, geen niet leuk, geen wanneer weer.
Ik heb daar die avond nog lang over lopen denken, en dan met name over de vraag wie er in dit hele verhaal iets wilde. Zij noemde een naam zoals ze ook zes dagen achter elkaar het woord graafmachine heeft genoemd. Ik heb daar een vriendschap in gelezen, en toen een speelafspraak, en toen een middag die moest slagen.
Dat is niet erg gegaan. Er is niemand ongelukkig geweest. Maar het was mijn plan en niet het hare, en op de één of andere manier vind ik dat bij een derde kind ongemakkelijker dan ik het bij een eerste zou hebben gevonden.
Donderdagochtend bij de kapstok
Ik heb haar de volgende ochtend naar binnen gebracht, wat ik niet meer elke dag doe.
Bij de kapstok stond Nore haar jas op te hangen aan een haak twee plekken verder. Ze hebben elkaar gezien. Ze hebben allebei niks gezegd. En toen zijn ze naast elkaar het lokaal in gelopen, met een halve meter ertussen, alsof dat een afspraak was die iemand ooit gemaakt heeft.
Ik heb bij die kapstok nog even staan doen alsof ik iets in de tas zocht.
Er zat niks in die tas.
Vragen die ik hierover kreeg
Wanneer maak je de eerste speelafspraak van een kleuter?
Wij hebben dat bij Loes na drie weken gedaan en dat was voor mij te snel en voor haar te vroeg. Bij Fenna en Bram is het vanzelf gegaan, doordat er op het plein iets werd afgesproken waar wij pas achteraf van hoorden. Ik zou het nu weer zo doen en wachten tot een kind er zelf over begint.
Is het normaal dat kleuters niet samen spelen als er iemand komt?
Bij ons wel, en dat is de derde keer dat ik het zie en de eerste keer dat het me niet meer verbaast. Ze zaten anderhalf uur naast elkaar aan dezelfde tafel met dezelfde bak en ze hebben elkaar geen vraag gesteld. Dat is bij vierjarigen geen mislukking maar de gewone vorm.
6 reacties
-
Sandra ·
Praktische tip voor de volgende keer, houd de eerste afspraak op een uur of anderhalf en zorg dat er iets te doen is waar geen samenwerking voor nodig is. Zand, water, deeg. Dan hoeven ze niet te praten om het gezellig te hebben en gaat het meestal vanzelf beter dan met speelgoed waar je om moet vragen.
Merel schrijft dit blog
De bak met water had ik dus per ongeluk goed gedaan, en ik ga net doen alsof dat expres was.
-
Hanneke ·
Ik heb bij mijn tweede precies hetzelfde gedaan en ik weet nog hoe teleurgesteld ik was toen ze na afloop alleen iets over de koekjes zei. Achteraf denk ik dat ik toen behoefte had aan bewijs dat het goed met haar ging, en dat een kind van vier daar niets mee te maken heeft.
Merel schrijft dit blog
Bewijs. Dat is precies het woord dat ik zelf niet durfde op te schrijven, dank je Hanneke.
-
Wendy ·
Zes dagen dezelfde naam, dat zou ik ook meteen verkeerd hebben gelezen! Bij ons bleek de naam die mijn dochter altijd noemde van een jongen uit groep 4 te zijn die haar een keer had geholpen met haar jas.
-
Peter ·
Bij ons heeft het zo gewerkt dat de eerste echte vriend pas in groep 3 kwam en dat we daar toen niets voor geregeld hebben. Hij stond er ineens.
-
Marjolein ·
Wat schrijf je dit weer fijn op, en wat herken ik dat gevoel dat je iets voor ze wilt regelen wat ze zelf nog helemaal niet nodig hebben. Ik zat er echt even stil van, dat stukje op de gang bij de kapstok. Ik lees hier vanaf het begin mee en dit soort kleine dingen zijn precies waarom.
-
Nadia ·
Mijn dochter begint na de zomer en ik lag hier gisteravond al wakker van, van dat vriendjes-gedeelte dan. Ik denk dat ik dit stuk over een half jaar nog een keer ga lezen.
Reageer op dit verhaal
Je reactie komt bij mij binnen met de titel van dit verhaal erbij, dus ik weet meteen waar hij over gaat. Ik lees alles zelf en plaats met de hand — dat kan een paar dagen duren, en niet alles komt online. Waarom staat in het reactiebeleid.
Verder lezen
Hier gaat het ook over
De juf vroeg iets bij de deur en ik wist het antwoord niet
Loes zit vijf weken op school en vertelt thuis niets. Woensdag stelde haar juf me een vraag over haar en ik moest het antwoord schuldig blijven.
Loes zei de hele week dat ze nieuw was en dat klopte niet helemaal
Ze zit sinds maart op school, dus ze weet allang waar de jassen hangen. Toch is er maandag iets begonnen wat ze in haar hele leven nog niet had meegemaakt.
Iedereen keek naar de brugklas en Loes begon gewoon in groep 1
Bij ons ging deze zomer alle aandacht naar de oudste die wegging. Onze jongste startte ondertussen haar eerste schooljaar dat vanaf dag een echt van haar is.